ECLI:NL:RBLIM:2025:2643

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
19 maart 2025
Publicatiedatum
21 maart 2025
Zaaknummer
11384626 \ CV EXPL 24-5528
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BWArt. 6:119a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsvordering wegens niet-betaalde levering van goederen en incassokosten

Tussen Sikkens Zuid Oost B.V. en gedaagde is een overeenkomst gesloten voor levering van goederen, waaronder een aanhangwagen met steiger en schilderbenodigdheden. Sikkens leverde de goederen en stuurde facturen voor een totaalbedrag van €10.288,03, die door gedaagde niet binnen de betalingstermijn van 30 dagen zijn voldaan.

Ondanks herhaalde sommatie heeft gedaagde niet betaald en geen verweer gevoerd, alleen uitstel gevraagd. Sikkens vordert betaling van de hoofdsom, vermeerderd met wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.

De kantonrechter oordeelt dat de hoofdsom terecht is gevorderd en toewijst. Ook de buitengerechtelijke incassokosten van €877,88 worden toegewezen omdat deze binnen het wettelijke tarief vallen. De wettelijke rente over de hoofdsom en proceskosten wordt eveneens toegewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het totale bedrag van €11.538,83 plus rente en proceskosten, en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €11.538,83 plus wettelijke rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 11384626 \ CV EXPL 24-5528
Vonnis van 19 maart 2025
in de zaak van
SIKKENS ZUID OOST B.V.,
te Tilburg,
eisende partij,
hierna te noemen: Sikkens,
gemachtigde: mr. S.A.M. de Beer,
tegen
[gedaagde] H.O.D.N. [handelsnaam],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding,
- [gedaagde] is in deze procedure verschenen maar heeft geen conclusie van antwoord genomen.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Tussen Sikkens en [gedaagde] is een overeenkomst tot stand gekomen ter levering van goederen. Sikkens heeft deze goederen, onder meer een aanhangwagen met steiger en schilderbenodigdheden, geleverd. Hiertoe heeft Sikkens op 16, 23 en 28 mei 2024 facturen verzonden aan [gedaagde] voor een totaalbedrag van € 10.288,03. [gedaagde] heeft de betalingstermijn van 30 dagen laten verstrijken zonder de facturen te betalen.
2.3.
Ondanks herhaalde sommatie is [gedaagde] niet tot betaling overgegaan van het door hem verschuldigde.

3.Het geschil

3.1.
Sikkens vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 10.288,03, vermeerderd met rente en kosten.
3.2.
[gedaagde] heeft om uitstel gevraagd maar heeft geen verweer gevoerd.

4.De beoordeling

Hoofdsom
4.1.
[gedaagde] is op grond van de overeenkomst de aankoopsom van € 10.288,03 aan Sikkens verschuldigd. De gevorderde hoofdsom komt de kantonrechter onrechtmatig noch ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.
Buitengerechtelijke incassokosten
4.2.
Sikkens heeft voldoende gesteld dat buitengerechtelijke werkzaamheden verricht zijn. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten van € 877,88 is niet hoger dan het tarief in het Besluit vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten en is daarom toewijsbaar.
Wettelijke rente
4.3.
[gedaagde] heeft geen verweer gevoerd tegen de gevorderde vervallen wettelijke rente van € 372,92, berekend tot en met 9 oktober 2024, zodat die – als op de wet gegrond – wordt toegewezen. Ook de wettelijke rente vanaf 10 oktober 2024 kan worden toegewezen.
4.4.
[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Sikkens worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
115,84
- griffierecht
524,00
- salaris gemachtigde
406,00
(1 punt × € 406,00)
- nakosten
135,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.180,84
4.5.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan Sikkens te betalen een bedrag van € 11.538,83, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over € 10.288,03, met ingang van 10 oktober 2024, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.180,84, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.J. Quaedackers en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2025.