Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie
- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 22 november 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
Rechtbank Limburg
De huurder ervaart sinds januari 2023 stankoverlast in haar woning, die zij toeschrijft aan haar bovenburen en een gebrekkig ventilatiesysteem. Zij vordert een huurprijsvermindering van 50% en betaling van een bedrag van €1.605,00. Weller, de verhuurder, betwist het bestaan van een gebrek en laat een deskundig onderzoek uitvoeren dat geen stank constateert en het ventilatiesysteem als functionerend beoordeelt.
De kantonrechter stelt vast dat de verklaringen van de huurder en enkele getuigen over stank niet overtuigend zijn, mede doordat andere bezoekers geen stank hebben waargenomen. De theorie dat bovenburen een apparaat gebruiken om stank te verspreiden wordt als ongeloofwaardig beoordeeld. Er is onvoldoende bewijs voor een gebrek in de woning en daarom geen grond voor huurprijsvermindering.
Daarnaast heeft de huurder het ventilatiekanaal afgekit, wat kan leiden tot vocht- en schimmelproblemen. Zij wordt veroordeeld om binnen drie dagen toegang te verlenen voor herstel en de kosten daarvan te vergoeden. Weller krijgt ook gelijk in haar vordering tot betaling van de huurachterstand en toekomstige huur.
De kantonrechter legt een gedragsaanwijzing op aan de huurder wegens intimiderend gedrag en beschadiging van eigendommen van Weller, met een dwangsom bij niet-naleving. Andere gedragsverboden worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs of onredelijkheid. De proceskosten worden grotendeels aan de huurder opgelegd.
Uitkomst: Vordering huurprijsvermindering afgewezen, huurder veroordeeld tot betaling huurachterstand, herstel ventilatiekanaal en gedragsaanwijzing met dwangsom.