Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
22 april 2025 in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
[derde partij], uit [woonplaats] (vergunninghoudster),
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Vergunninghoudster heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor de uitbreiding van haar woning met een tweede bouwlaag op een deel met één bouwlaag. Verweerder heeft deze vergunning verleend, waarna eiser, wonende op het naastgelegen perceel, bezwaar maakte vanwege vermeende aantasting van daglicht, uitzicht en het ruimtelijke beeld.
De rechtbank overweegt dat de vergunning moet worden getoetst aan het geldende bestemmingsplan Sittard-Zuid 2016, dat onherroepelijk is. Hoewel eiser aanvoert dat het bouwplan niet past binnen de oorspronkelijke stedenbouwkundige uitgangspunten uit 1994, is het bestemmingsplan het bindende recht waaraan moet worden getoetst. De vermeende afwijkingen van de oude uitgangspunten vormen geen reden om het bestemmingsplan te negeren.
Verder is de welstandstoets correct uitgevoerd en gebaseerd op een adequaat advies. De rechtbank wijst erop dat de welstandstoets zich moet richten op vormgeving en materiaalgebruik, niet op bouwmogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. De bezwaren van eiser zijn onvoldoende om de vergunning te weigeren.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het bestreden besluit. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.