Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- het op 26 juni 2024 ontvangen verzoekschrift met bijlagen,
- de op 16 juli 2024 ontvangen aanvulling op het verzoekschrift,
- de op 6 augustus 2024 ontvangen brief met bijlage van verzoekster.
Rechtbank Limburg
Verzoekster, een notaris verbonden aan Marks Wachters Notarissen, verzocht de rechtbank Limburg om op grond van artikel 4:198 BW Pro een volmacht te verkrijgen om namens alle erfgenamen van een nalatenschap alle daden van beheer en beschikking te verrichten. Dit verzoek werd gedaan omdat enkele erfgenamen niet hadden gereageerd op het verzoek om een boedelvolmacht te verstrekken, terwijl het merendeel van de erfgenamen dit wel had gedaan.
De nalatenschap betreft een erflater die niet bij testament had beschikt en waar 33 erfgenamen bij betrokken zijn, waaronder een minderjarige die beneficiair heeft aanvaard. De kantonrechter stelde vast dat de oproepingen aan twee erfgenamen niet correct waren betekend, maar oordeelde dat dit hun procesbelang niet schaadde gezien de uitkomst van de zaak.
De kantonrechter benadrukte dat artikel 4:198 BW Pro niet bedoeld is om een professionele partij buiten de wettelijke route om namens een deel van de erfgenamen de nalatenschap te laten vereffenen. Toewijzing van het verzoek zou leiden tot een feitelijke vereffenaar zonder wettelijke benoeming en toezicht, wat strijdig is met het wettelijke systeem.
Daarom wees de kantonrechter het verzoek af. Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde een van de verschenen erfgenamen bereid te zijn een volmacht te verlenen, wat mogelijk ook geldt voor enkele andere erfgenamen, zodat de nalatenschap alsnog kan worden vereffend binnen de wettelijke kaders.
Uitkomst: Het verzoek tot volmachtverlening aan de notaris om namens alle erfgenamen de nalatenschap te vereffenen is afgewezen.