Eiser zocht een huurwoning via verhuurmakelaar gedaagde, die woningen aan expats verhuurt. Eiser reageerde op diverse woningen, waaronder een woning aan een adres in de plaats, maar werd niet geselecteerd vanwege het expatprofiel dat verhuurders prefereren.
Eiser vorderde schadevergoeding wegens onrechtmatige daad, verwijdering van persoonsgegevens, en verklaringen voor recht over discriminatie en strijd met de Wet goed verhuurderschap en het Burgerlijk Wetboek. Gedaagde verweerde zich en betwistte de vorderingen.
De kantonrechter oordeelde dat geen huurovereenkomst met eiser zou zijn gesloten, waardoor geen schadevergoeding toewijsbaar is. Ook stelde de rechter vast dat gedaagde niet onder de Wet goed verhuurderschap valt en dat er geen sprake is van discriminatie in strijd met de Algemene wet gelijke behandeling. De overige vorderingen, waaronder verwijdering persoonsgegevens en misbruik van procesrecht, werden eveneens afgewezen.
Eiser werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd gewezen door mr. A.H.M.J.F. Piëtte op 28 mei 2025.