Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft de ingangsdatum van de benoeming van eiseres in de functie van Operationeel Specialist A bij het Internationaal Rechtshulp Centrum (IRC) van de eenheid Limburg. Eiseres was het niet eens met de benoeming per 1 juni 2023 en stelde dat dit per 1 juli 2022 had moeten zijn. De rechtbank beoordeelde of verweerder het overgangsbeleid correct had toegepast en of er een bijzondere reden was om het loopbaanpad van eiseres op te schorten.
Eiseres had haar diploma Bachelor of Policing in 2017 behaald en voldeed aan de voorwaarden voor bevordering per 1 juli 2022. Verweerder had de benoeming opgeschort vanwege de langdurige ziekte van eiseres en het lopende re-integratietraject, met verwijzing naar een bijzondere reden in het overgangsbeleid. De rechtbank oordeelde echter dat de ziekte geen geldige reden vormde om de benoeming uit te stellen, mede omdat uit het dossier bleek dat eiseres op 1 juli 2022 in staat was de functie uit te oefenen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Verweerder wordt bevolen eiseres met ingang van 1 juli 2022 te benoemen in de functie van Operationeel Specialist A. Tevens moet verweerder het griffierecht en de proceskosten aan eiseres vergoeden.