Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[verzoeker]
Rechtbank Limburg
De rechtbank Limburg behandelde op 17 januari 2025 het verzoek van ouders tot wijziging van de voornamen van hun minderjarige kind, geboren in 2024. De ouders wensten de derde en vierde voornaam van het kind te laten schrappen, omdat deze namen verwijzen naar tantes waarmee een conflict is ontstaan en waar geen contact meer mee is.
De ouders hebben gezamenlijk het gezag over het kind en hebben het verzoek ingediend op grond van artikel 1:4 lid 4 BW Pro, dat de rechter bevoegdheid geeft om op verzoek van de wettelijke vertegenwoordiger een wijziging van de voornamen toe te staan indien er een zwaarwichtig belang bestaat. De rechtbank oordeelde dat het belang van de ouders, die hinder en ongemak ervaren door de vernoeming naar familieleden die het contact hebben verbroken, zwaarwichtig genoeg is.
De rechtbank gelastte daarom de wijziging van de voornamen, waarbij de derde en vierde voornaam worden geschrapt, zodat de volledige naam van het kind wordt aangepast. De griffier zal na drie maanden een afschrift van de beschikking aan de ambtenaar van de burgerlijke stand sturen voor de latere vermelding bij de geboorteakte. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open onder voorwaarden.
Uitkomst: Verzoek tot schrapping van de derde en vierde voornaam van de minderjarige wordt toegewezen wegens zwaarwichtig belang.