Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.De beoordeling
’overige/verzoek tot onbevoegdverklaring c.q. niet-ontvankelijkheidverklaring in de hoofdzaak’op oneigenlijke wijze alsnog een nieuw verweer in te brengen in de civiele procedure.
3.De beslissing
- verklaart het verzoek tot wraking gericht tegen mr. De Bruijn ongegrond;
- verklaart het verzoek tot wraking gericht tegen mr. Hurkens ongegrond;
- bepaalt dat een volgend verzoek tot wraking in de zaak C/03/341116 niet in behandeling wordt genomen.