Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
- De bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 5 augustus 2025;
- Het proces-verbaal van aangifte van [naam winkel 1] .
- De bekennende verklaring van de verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 5 augustus 2025;
- Het proces-verbaal van bevindingen vernieling knuffelcel;
3.4is omschreven, zodat de rechtbank daar geen nadere overweging aan zal wijden.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
[benadeelde 2]vordert schadevergoeding tot een bedrag van € 2.550,00 ter zake van feiten 3 en 6. Deze vordering bestaat volledig uit vergoeding van immateriële schade.
[benadeelde 1]vordert schadevergoeding tot een bedrag van € 750,00 ter zake van feiten 4 en 7. Deze vordering bestaat volledig uit vergoeding van immateriële schade.
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit/de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor tot een gevangenisstraf van
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- wijstde vordering van de benadeelde partij
[benadeelde 2] toeen veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde van een bedrag van
€ 2.250,00, volledig bestaande uit immateriële schade; - de schadevergoeding wordt vermeerderd met de wettelijke rente over het volledige bedrag vanaf
- veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling van een bedrag van
- bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
- verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
- wijstde vordering van de benadeelde partij
[benadeelde 1] toeen veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde van een bedrag van
€ 750,00, volledig bestaande uit immateriële schade; - de schadevergoeding wordt vermeerderd met de wettelijke rente over het volledige bedrag vanaf
- veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling van een bedrag van
- bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van
- verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.