Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de concept dagvaarding met producties 1 tot en met 10
- de brief van 19 januari 2026 van Creditsafe met een usb-stick met daarop twee door [gedaagde] op social media (TikTok) geplaatste vlogs
- de brief van 28 januari 2026 van mr. Robustella
- de mondelinge behandeling van 29 januari 2026
- de pleitnota van Creditsafe
- de pleitnota van [gedaagde] .
2.De feiten
uiterlijk 18 december 2025 vóór 16.00 uurschriftelijk te bevestigen dat:
geblockt door [gedaagde] en consorten” de volgende berichten geplaatst (productie 10 Creditsafe):
3.Het geschil
DIT IS EEN RECTIFICATIE:
in recente posts heb ik, [gedaagde] , negatieve mededelingen gedaan over GraydonCreditsafe en/of Graydon en/of Creditsafe, haar data en haar handelspraktijk. Die mededelingen waren alle onjuist en hadden niet mogen worden gedaan en om die reden zijn alle mededelingen verwijderd. Met de door mij over GraydonCreditsafe en/of Graydon en/of Creditsafe geplaatste posts heb ik de goede naam en reputatie van Creditsafe en haar data en diensten onnodig geschaad. De verplichting tot het plaatsen van deze rectificatie is mij door voorzieningenrechter Rechtbank Limburg, locatie Maastricht bij vonnis van ………. (datum vermelden) opgelegd.”,
4.De beoordeling
onjuiste of door onvolledigheid misleidende publicatie van feitelijke aard”.
meningvan [gedaagde] weer. [gedaagde] interpreteert de informatie die hij van Creditsafe kreeg op een bepaalde manier en daarvan uitgaand concludeert [gedaagde] vervolgens dat hij verkeerd door Creditsafe is voorgelicht. Hoewel de voorzieningenrechter die uitleg van [gedaagde] zonder meer onjuist acht, betekent dit niet dat zijn uitlatingen (enkel) om
diereden onrechtmatig zijn. [gedaagde] stelt feitelijk dat de dienst die Creditsafe hem heeft geleverd niet correct is en hij uit zijn ontevredenheid daarover. Het betreft een opvatting over een contractuele prestatie die aan hem geleverd is. Met name gelet op deze aard van die uitlating, is deze niet dermate ernstig dat het onrechtmatig is en rectificatie behoeft. Kortom: [gedaagde] heeft in deze gebruik gemaakt van de vrijheid van meningsuiting, waarmee hij naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet een zodanige inbreuk op de eer en reputatie van Creditsafe maakt, dat hij daardoor onrechtmatig heeft gehandeld. Gelet hierop zal ook dit deel van het door Creditsafe gevorderde worden afgewezen.
nietaan te zullen houden. Gelet daarop is het niet onbegrijpelijk dat Creditsafe de onderhavige procedure is gestart. De voorzieningenrechter ziet hierin aanleiding de proceskosten te compenseren in die zin dat iedere partij haar eigen kosten draagt.