Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de akte van [eiseres] ,
- de akte van [gedaagde] .
2.De verdere beoordeling
de offertevan deze potentiële deskundige. Partijen hebben zich vervolgens vrij geacht zich ook nog eens uit te laten over de persoon van de deskundige, maar dat is in dit stadium niet meer aan de orde: partijen hebben zich daar bij akte over kunnen uitlaten en vervolgens beslist de rechtbank. De opmerking namens [gedaagde] dat het ‘nogal vreemd is dat partijen zich dienen uit te laten over een specifiek te benoemen deskundige’ is dus misplaatst omdat partijen daar in het geheel niet nogmaals naar gevraagd is. Niettemin wordt, naar aanleiding van de opmerkingen namens [gedaagde] , opgemerkt dat de betreffende deskundige eerder door deze rechtbank als gerechtelijk deskundige is benoemd.
3.De beslissing
binnen twee wekenna de datum van de nog te ontvangen nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak,
woensdag 1 april 2026,