ECLI:NL:RBLIM:2026:1281
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voorschot bijstandsuitkering wegens ontbreken belang
Verzoeker heeft bij de gemeente Kerkrade een aanvraag ingediend voor een bijstandsuitkering die werd afgewezen omdat hij aanspraak zou kunnen maken op een voorliggende voorziening via het UWV. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg vervolgens om een voorschot op de bijstandsuitkering vanwege betalingsproblemen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat besluiten op grond van artikel 52 van Pro de Participatiewet niet vatbaar zijn voor bezwaar en beroep, waardoor de rechtbank deze niet inhoudelijk kan toetsen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd connex geacht aan het bezwaar tegen het eerdere afwijzingsbesluit, zodat de voorzieningenrechter bevoegd was het verzoek te behandelen.
Tijdens de zitting bleek dat verweerder de identiteit van verzoeker niet had kunnen vaststellen, waardoor de melding niet als aanvraag kon worden verwerkt en geen voorschot werd verstrekt. Ter zitting heeft verweerder toegezegd alsnog de aanvraag in behandeling te nemen en een voorschot toe te kennen.
Omdat verweerder hiermee tegemoet is gekomen aan het doel van het verzoek om voorlopige voorziening, ontbreekt het procesbelang van verzoeker. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat verweerder ter zitting alsnog een voorschot heeft toegekend, waardoor het procesbelang ontbreekt.