Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[eiser] ,
2.
[eiseres],
Rechtbank Limburg
Eisers, een echtpaar, lieten hun woning verbouwen door gedaagde, een aannemer zonder of met één werknemer. De overeenkomst betrof een omvangrijke verbouwing met een aanneemsom van ruim €120.000. Na oplevering ontstonden geschillen over gebreken en onafgewerkte punten. Eisers stuurden meerdere lijsten met klachten en een ingebrekestelling, waarop gedaagde niet adequaat reageerde.
Een onafhankelijke inspectie bracht 43 gebreken in kaart met herstelkosten van bijna €75.000. Gedaagde voerde verweren over de reikwijdte van de overeenkomst, de onafhankelijkheid van de inspecteur en het tijdstip van klachten. Eisers vorderden vervangende schadevergoeding, expertisekosten, incassokosten en proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat niet alle gevorderde bedragen voldoende waren onderbouwd en wees enkele deelvorderingen af. De verkoop van de woning door eisers deed niet af aan het recht op abstracte schadevergoeding. De rechtbank wees een deel van de herstelkosten toe, met een totaal van €32.554, en veroordeelde gedaagde tot betaling van expertisekosten, incassokosten en proceskosten. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst een deel van de herstelkosten toe en veroordeelt de aannemer tot betaling van schadevergoeding, expertisekosten, incassokosten en proceskosten.