ECLI:NL:RBLIM:2026:1514

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
12 februari 2026
Zaaknummer
12028318 \ EZ VERZ 25-522
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Dohmen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:193 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot verwerping nalatenschap voor minderjarige erfgenamen

Op 15 juli 2025 overleed de heer erflater, oom van verzoeker 1, wiens minderjarige kinderen achternichtjes van erflater zijn. Verzoekers, als wettelijk vertegenwoordigers van de minderjarige erfgenamen, vroegen machtiging om de nalatenschap namens hen te verwerpen op grond van artikel 4:193 lid 1 BW Pro.

De kantonrechter beoordeelde het verzoek en concludeerde dat de nalatenschap negatief is, wat voldoende aannemelijk werd gemaakt door de schriftelijke toelichting van verzoekers. Het verwerpen van de nalatenschap is in het belang van de minderjarige erfgenamen, en er zijn geen feiten die zich tegen het verzoek verzetten.

De machtiging wordt voorwaardelijk verleend, enkel voor het geval verzoeker 1 de nalatenschap daadwerkelijk verwerpt. De kantonrechter wijst erop dat de nalatenschap nog niet is verworpen; daartoe moet binnen drie maanden na verwerping een verklaring worden afgelegd bij de griffie van de rechtbank Gelderland, de laatste woonplaats van erflater.

De beschikking is op 13 februari 2026 in het openbaar uitgesproken door mr. Dohmen.

Uitkomst: Machtiging verleend om namens minderjarige erfgenamen de nalatenschap te verwerpen wegens negatieve nalatenschap.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer / rekestnummer: 12028318 \ EZ VERZ 25-522
Beschikking erfrecht van 13 februari 2026
op het verzoek van

1.[verzoeker 1] ,

te [plaats] ,
2.
[verzoeker 2],
te [plaats] ,
verzoekers,
procederend in persoon,
in hun hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordigers van de minderjarigen:
  • [minderjarige 1], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedag 1] 2021, en
  • [minderjarige 2], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedag 2] 2023.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het op 22 december 2025 ontvangen verzoekschrift met bijlagen
- de op 30 januari 2026 van verzoekers ontvangen aanvullende toelichting met bijlagen.
1.2.
De beschikking is vervolgens bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
Op 15 juli 2025 is in de gemeente Lingewaard overleden de heer [erflater] , geboren te [geboorteplaats 2] op [geboortedag 3] 1964 (hierna: erflater).
2.2.
Erflater was een oom van [verzoeker 1] .
Zijn minderjarige kinderen zijn achternichtjes van erflater.

3.Het verzoek

3.1.
Verzoekers vragen de kantonrechter op grond van artikel 4:193 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) machtiging te verlenen om de nalatenschap van erflater namens hun kinderen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te mogen verwerpen.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter begrijpt dat [verzoeker 1] voornemens is om de nalatenschap van erflater te verwerpen. Hierdoor worden zijn kinderen door plaatsvervulling erfgenaam. De kantonrechter moet toetsen of verwerping van de nalatenschap in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] is.
4.2.
Uit de door verzoekers gegeven schriftelijke toelichting is naar het oordeel van de kantonrechter voldoende aannemelijk geworden dat de nalatenschap negatief is. Het verlenen van de gevraagde machtiging acht de kantonrechter dan ook in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Daarnaast is niet gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten. Aangezien [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op dit moment (nog) geen erfgenaam zijn, zal de machtiging voorwaardelijk - enkel voor het geval [verzoeker 1] de nalatenschap verwerpt - worden verleend.
4.3.
De kantonrechter wijst erop dat met het verlenen van de gevraagde machtiging de nalatenschap nog niet is verworpen. Daartoe dient nog een verklaring te worden afgelegd ter griffie van de rechtbank van de laatste woonplaats van erflater, in dit geval bij de rechtbank Gelderland. Dit dient te geschieden binnen drie maanden, te rekenen vanaf het tijdstip waarop de nalatenschap de minderjarige erfgenamen toekomt, in dit geval is dat dus binnen drie maanden na de datum waarop [verzoeker 1] de nalatenschap verworpen heeft.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
verleent [verzoeker 1] en [verzoeker 2] voorwaardelijk - enkel voor het geval [verzoeker 1] de nalatenschap verwerpt - machtiging om namens de minderjarigen:
  • [minderjarige 1], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedag 1] 2021, en
  • [minderjarige 2], geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedag 2] 2023,
de nalatenschap van [erflater] te verwerpen.
Deze beschikking is gegeven door mr. Dohmen en in het openbaar uitgesproken op 13 februari 2026.