Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[B.V.] ,
2.
VVAA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,
1.Samenvatting van de zaak
2.De procedure
3.De feiten
4.Het verzoek en het verweer
5.De beoordeling
- Op pagina 9 van zijn rapport beschrijft hij de onderzoeken die hij heeft gedaan. Daarin is als resultaat van een echocardiogram een
- Daarnaast geeft hij als antwoord op de vraag e (Wat is de diagnose op uw vakgebied):
- Op de eerste vraag die [verzoeker] bij brief van 12 februari 2025 naar aanleiding van het rapport aan [cardioloog] heeft gesteld, heeft [cardioloog] als volgt geantwoord:
”Mogelijk is het infarct zelfs al ruim voor [nummer] begonnen doch mede door de deels atypische klachten niet als zodanig door betrokkene vermoed of herkend.”. [cardioloog] schrijft echter ook in zijn rapport dat hij desondanks geneigd is uit te gaan van een begin van het infarct om 02:00 uur. Bovendien is dit tijdstip in het ritformulier van de ambulance ook als tijd aangegeven [5] , staat in het verslag van het [ziekenhuis 1] [6] “Vannacht om 2u ontstane POB met radiatie naar linker arm vastzittend aan ademhaling”vermeld en is dit tijdstip door de medisch adviseur van VvAA zelf ook aangenomen [7] . Daarom is de rechtbank van oordeel dat in rechte moet worden uitgegaan van een starttijd van 02:00 uur.