Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
Rechtbank Limburg
Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen, huwelijk is ontbonden. Bij vonnis van 4 oktober 2023 werd de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap vastgesteld, waarbij de vrouw de woning aan een adres werd toegewezen en de man verplicht werd de helft van de resterende waarde te voldoen.
De vrouw sommeerde de man herhaaldelijk om het vonnis na te komen, waaronder de overdracht van zijn aandeel in de woning en betaling van een bedrag van € 10.761,91 wegens onderbedeling. De man reageerde niet en kwam niet na.
De vrouw vorderde nakoming van het vonnis, betaling van het bedrag en kostenveroordeling. De man erkende zijn verplichting tot overdracht maar verzocht om een langere termijn van drie maanden. De rechtbank wees dit af en stelde een termijn van veertien dagen vast.
De rechtbank veroordeelde de man tot medewerking aan de levering van zijn aandeel in de woning binnen veertien dagen, bij gebreke waarvan het vonnis in de plaats treedt van zijn medewerking. Tevens werd hij veroordeeld tot betaling van het bedrag uit onderbedeling met wettelijke rente. De proceskosten werden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot medewerking aan levering woning en betaling onderbedeling binnen veertien dagen, bij gebreke waarvan het vonnis in de plaats treedt van zijn medewerking.