Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met productie 1
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
2.De feiten
3.Het geschil
- de scooter ter waarde van € 2.700,00;
- een pet van het merk Gucci ter waarde van € 340,00;
- een koptelefoon van het merk Beats ter waarde van € 399,95;
- een bril van het merk Dita ter waarde van € 925,00;
- een tas van het merk Louis Vuitton ter waarde van € 1.020,00.
4.De beoordeling
jegens [persoon]. [gedaagde] heeft immers betwist dat [persoon] eigenaar was van de scooter. Daarnaast is in het geschil of de door [persoon] gestelde goederen zich in de scooter bevonden, of deze eigendom van [persoon] waren, of [gedaagde] ook de waarde van deze goederen moet vergoeden en zo ja, op welk bedrag de door hem te betalen schadevergoeding moet worden vastgesteld. De kantonrechter komt tot het oordeel dat [gedaagde] de waarde van de scooter en de zich daarin bevindende goederen moet vergoeden aan de wettelijke vertegenwoordigers van [persoon] . [persoon] heeft voldoende onderbouwd dat hij de eigenaar was van de scooter en van de zich daarin bevindende pet, tas, zonnebril en koptelefoon en dat hij dit eigendom door de diefstal van [gedaagde] heeft verloren. De kantonrechter vindt wel dat de wettelijke vertegenwoordigers de hoogte van schade niet altijd goed hebben onderbouwd. De kantonrechter heeft de schade daarom (deels) geschat. De kantonrechter stelt het totale bedrag aan schadevergoeding vast op € 3.010,00. Hieronder zal worden uitgelegd hoe de kantonrechter tot dit oordeel is gekomen.
€ 150,00.