Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
- het vonnis in incident van 14 januari 2026,
- het B7-formulier van 19 januari 2026 waarbij [partij B] verzoekt om alsnog een datum voor het indienen van de conclusie van antwoord te bepalen, met goedkeuring van [partij A] ,
- de e-mail van 19 januari 2026 waarbij [partij A] bevestigt akkoord te gaan met het verzoek van [partij B] ,
- de verwijzing van de zaak naar de rol van 4 maart 2026 voor conclusie van antwoord,
- de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring, tevens conclusie van antwoord in de hoofdzaak,
- de incidentele conclusie van antwoord.
2.Het geschilin de hoofdzaak
3.De beoordeling in het incident
salaris advocaat € 653,00
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in dictum)
4.De beslissing
29 april 2026voor opgave verhinderdata aan de zijde van alle partijen voor een mondelinge behandeling in de periode mei 2026 tot en met december 2026,