ECLI:NL:RBLIM:2026:3304

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
8 april 2026
Zaaknummer
11861257 \ CV EXPL 25-3667
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Van den Berg Jeths-van Meerwijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 BWArt. 6:119a BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsovereenkomst meldkamer stilzwijgend verlengd, geen tekortkoming voor opschorting

Partijen sloten in 2016 een meldkamer- en onderhoudsovereenkomst voor een pand waar Mobimall een bedrijf exploiteert. De overeenkomst bevat een stilzwijgende verlengingsclausule, waarbij opzegging schriftelijk en drie maanden voor het einde van het kalenderjaar moet plaatsvinden.

Mobimall betwist betaling van de factuur voor 2024 en stelt dat zij de overeenkomst tijdig heeft opgezegd en dat [eisende partij] tekort is geschoten in haar dienstverlening, waardoor opschorting gerechtvaardigd zou zijn. De rechtbank oordeelt dat Mobimall niet tijdig schriftelijk heeft opgezegd en dat de overeenkomst derhalve stilzwijgend is verlengd tot eind 2024.

De vermeende tekortkomingen van [eisende partij] worden onderzocht aan de hand van meldkamerrapporten over diverse data in 2023 en 2024. De rechtbank concludeert dat geen tekortkomingen zijn vastgesteld die opschorting rechtvaardigen, mede omdat Mobimall haar stellingen onvoldoende heeft onderbouwd en sommige verweren te laat zijn ingebracht.

De rechtbank veroordeelt Mobimall tot betaling van de factuur, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Mobimall is veroordeeld tot betaling van de factuur voor 2024, incassokosten en proceskosten; de overeenkomst is stilzwijgend verlengd en er is geen tekortkoming die opschorting rechtvaardigt.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 11861257 \ CV EXPL 25-3667
Vonnis van 15 april 2026
in de zaak van
[eisende partij] B.V.,
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eisende partij] ,
gemachtigde: Haenen Gerechtsdeurwaarders,
tegen
MOBIMALL AUTOMOTIVE B.V.,
te Echt,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Mobimall,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de aantekeningen van het mondelinge antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 10 maart 2026.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Op 29 juli 2016 hebben partijen een meldkamercontract en een onderhoud- en inspectieovereenkomst gesloten ten behoeve van het pand aan [adres], waarin Mobimall een bedrijf in luxe auto’s exploiteert (productie 1 van [eisende partij] ).
Op het meldkamercontract zijn de Algemene Voorwaarden Meldkamer van [eisende partij] van toepassing (hierna ‘de algemene voorwaarden’ genoemd).
2.2.
Op grond van de algemene voorwaarden wordt de overeenkomst telkens stilzwijgend verlengd voor een kalenderjaar, tenzij een van de partijen de overeenkomst drie maanden voor het einde van het contractjaar aangetekend opzegt.
2.3.
[eisende partij] heeft bij factuur van 10 januari 2024 een bedrag van € 518,99 inclusief btw bij Mobimall in rekening gebracht voor kalenderjaar 2024 (productie 1).
2.4.
Bij e-mailbericht van 5 februari 2024 heeft Mobimall verzocht om beëindiging van de overeenkomst met ingang van 1 februari 2024 (productie 4 van [eisende partij] ).
2.5.
Mobimall heeft tot op vandaag de factuur niet betaald.

3.Het geschil

3.1.
[eisende partij] vordert - samengevat - veroordeling van Mobimall tot betaling van € 518,99, vermeerderd de buitengerechtelijke kosten ad € 77,85, de wettelijke handelsrente en de proceskosten.
3.2.
Mobimall voert verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Hoofdsom
4.1.
De kern van het geschil tussen partijen is de vraag of Mobimall op grond van de overeenkomst het gevorderde factuurbedrag over het kalenderjaar 2024 verschuldigd is.
4.2.
Mobimall stelt zich op het standpunt dat zij het gevorderde factuurbedrag niet verschuldigd is. Het verweer van Mobimall komt - kort weergegeven - neer op het volgende;
1. de overeenkomst is opgezegd, zodat de overeenkomst is geëindigd in 2024,
2 [eisende partij] is diverse keren tekortgeschoten in de nakoming van haar dienstverlening, waardoor Mobimall de betaling heeft opgeschort.
Is de overeenkomst tijdig opgezegd?
4.3.
Mobimall stelt zich allereerst op het standpunt dat zij de overeenkomst mondeling heeft opgezegd. Deze stelling slaagt niet, omdat de overeenkomst op grond van de toepasselijke algemene voorwaarden schriftelijk moet worden opgezegd.
Mobimall stelt verder dat zij schriftelijk heeft opgezegd. Zowel in het geval Mobimall heeft opgezegd door middel van haar e-mailbericht van 12 januari 2024, als ook in het geval zij heeft opgezegd bij e-mailbericht van 5 februari 2024, slaagt haar stelling niet.
Uit artikel 14 van Pro de algemene voorwaarden volgt dat de overeenkomst drie maanden voor het einde van de lopende periode (kalenderjaar) per aangetekende brief moet worden opgezegd. Nu Mobimall eerst in 2024 schriftelijk heeft opgezegd is dit te laat. Mobimall had in dat geval vóór 1 oktober 2023 moeten opzeggen. Nu zij dit te laat heeft gedaan is het contract met ingang van 1 januari 2024 stilzwijgend verlengd tot en met 31 december 2024.
Bovendien heeft Mobimall tijdens de mondelinge behandeling erkend dat zij niet volgens afspraak heeft opgezegd, zodat het verweer ook daarom niet slaagt.
Is [eisende partij] tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de overeenkomst?
4.4.
Volgens Mobimall zijn er verschillende momenten geweest waarop zij geen melding heeft gekregen en/of [eisende partij] een melding niet heeft opgevolgd. Volgens Mobimall betreft dit de hierna genoemde data (en eventueel tijden).
23 juni 2023
4.5.
Volgens Mobimall is er een inbraakmelding geweest, die niet is opgevolgd. Mobimall verwijst naar pagina 76 van het door [eisende partij] overgelegde meldkamerrapport, waar een van haar telefoonnummers achter staat vermeld (productie 6 van [eisende partij] ).
De kantonrechter begrijpt hieruit dat Mobimall de melding van 23 juni 2023 bedoelt.
Volgens Mobimall heeft zij drie telefoonnummers aan [eisende partij] moeten doorgegeven. Het vaste nummer is van haar kantoor en dit nummer is buiten kantoortijden niet bereikbaar. [eisende partij] heeft nagelaten om een van de twee opgegeven mobiele telefoonnummers te bellen. [eisende partij] heeft Mobimall daarom niet aan de lijn gehad.
Mobimall stelt verder in algemene zin dat zij een aantal keren niet is gebeld, terwijl dit wel had gemoeten. Uit niets is gebleken dat Mobimall ook op haar mobiele nummer is gebeld.
4.6.
[eisende partij] stelt zich op het standpunt dat is afgesproken dat de vaste telefoonlijn van Mobimall door Mobimall wordt doorgeschakeld naar een mobiel nummer. [eisende partij] stelt dat zij Mobimall via doorschakeling ook (bijna) iedere keer aan de lijn heeft gehad.
[eisende partij] geeft als voorbeeld de specificatie die zij als productie 8 heeft overgelegd van 31 januari en 1 februari 2024. Volgens [eisende partij] is hier te zien dat door de meldkamer naar Mobimall is gebeld en dat het nummer is doorgeschakeld naar [persoon].
4.7.
De kantonrechter overweegt als volgt. Onduidelijk is welke afspraak partijen met elkaar hebben gemaakt over het al dan niet doorschakelen van de vaste telefoonlijn van Mobimall naar een mobiel telefoonnummer. In het geval moet worden aangenomen dat één van de door Mobimall opgegeven mobiele telefoonnummers had moeten worden gebeld, blijkt uit het door [eisende partij] tijdens de mondelinge behandeling getoonde gespecificeerde uitdraai van een melding dat [eisende partij] op het mobiele telefoonnummer een aantal keren is gebeld. Dit is ook niet door [eisende partij] betwist.
In het licht van deze feiten en omstandigheden is - voor zover sprake zou zijn van het niet volgens afspraak naar een van de mobiele telefoonnummer bellen - de tekortkoming niet zodanig dat deze kan leiden tot een opschorting van de gehele betalingsverplichting door Mobimall, zoals zij heeft gedaan.
Bovendien heeft Mobimall haar verweer, dat partijen een andere afspraak hebben gemaakt over haar bereikbaarheid, voor het eerst tijdens de mondelinge behandeling naar voren gebracht. Het gevolg hiervan is dat [eisende partij] zich hier niet goed op heeft kunnen voorbereiden en zij ook geen specificatie heeft kunnen tonen van de opvolging van de melding van 23 juni 2023. Het verweer van Mobimall is daarom te laat gevoerd en zal niet worden meegenomen in de beoordeling.
Op grond van het voorgaande is er geen sprake van een tekortkoming in de nakoming, die leidt tot een gerechtvaardigde opschorting.
5 juli 2023
4.8.
Volgens Mobimall is een melding op 5 juli 2023 niet opgevolgd. Mobimall verwijst naar pagina 84 van het meldkamerrapport om 09:44:13 uur, waar inbraakalarm vermeld staat. [eisende partij] stelt zich op het standpunt dat er op dat moment sprake was van onderhoud, waarbij alle alarmen zijn getest en er geen sprake is geweest van een daadwerkelijk inbraakalarm.
4.9.
De kantonrechter is van oordeel dat uit het meldkamerrapport is op te maken dat er op 5 juli 2023 diverse keren een inbraakalarm staat vermeld met een ‘test time’ die daarna weer is hersteld. Dit komt overeen met de gemotiveerde betwisting van [eisende partij] , dat er geen daadwerkelijk inbraakalarm is geweest op 5 juli 2023. Mobimall heeft zijn stelling ook niet nader onderbouwd. Dat betekent dat niet vast is komen te staan dat er sprake is geweest van een tekortkoming in de nakoming.
30 oktober 2023
4.10.
Volgens Mobimall is er op 30 oktober 2023 om 20:11:33 uur sprake geweest van een inbraakalarm, dat niet is opgevolgd. Mobimall verwijst naar pagina 146 van het meldkamerrapport. [eisende partij] stelt dat hier wel opvolging aan is gegeven. Zij verwijst naar de letters AAHI om 20:10:59 uur, wat betekent dat de call is afgemeld. Het alarm is toen een aantal keren in- en uitgeschakeld, volgens [eisende partij] .
4.11.
De kantonrechter overweegt als volgt. Op pagina 146 en 147 van het meldkamerrapport is te lezen dat in de periode tussen 20:10 uur en 20:11 uur inderdaad is gebeld. In het licht van de gemotiveerde betwisting heeft Mobimall haar verweer niet nader onderbouwd. Dat had wel op haar weg gelegen. Er is geen sprake van een tekortkoming in de nakoming.
16 december 2023/31 januari 2024
4.12.
Volgens Mobimall is zij met ingang van 1 februari 2024 verhuisd naar een andere locatie. Op 16 december 2023 is tijdens de verhuizing per ongeluk een kabel van de beveiligingsinstallatie doorgeknipt. Mobimall heef hier geen melding van gekregen, waardoor Mobimall een maand niet beveiligd is geweest. Mobimall verwijst naar pagina 167 van het meldkamerrapport, 16 december 2023 om 12.55,31 uur. Hieruit blijkt niet dat er op dat moment sprake is geweest van een sabotage-alarm maar slechts van een testmelding. Op 31 januari 2024 is de alarmcentrale verhuisd en daar heeft [eisende partij] wel een melding van ontvangen, aldus Mobimall.
4.13.
[eisende partij] betwist dat de kabel al op 16 december 2023 is doorgeknipt. Volgens [eisende partij] is de kabel eerst op 31 januari 2024 doorgeknipt en dit heeft geleid tot een sabotage-alarm van het deurcontact, dat conform het protocol werd afgehandeld. [eisende partij] verwijst naar pagina 190 van het meldkamerrapport en naar de gedetailleerde opvolging door Securitas van productie 8. Volgens [eisende partij] is Mobimall toen ook gebeld, die vervolgens aangaf dat ze aan het verhuizen waren.
De melding op 16 december 2023 zag op een automatische testmelding waarbij de alarmcentrale contact maakt met de meldkamer, die elke 24 uur plaatsvindt.
In het geval een kabel wordt doorgeknipt krijgt [eisende partij] hier altijd een sabotagemelding van en geen testmelding. [eisende partij] voldoet als gecertificeerd bedrijf hiermee aan de strenge kwaliteitseisen en heeft geen fout gemaakt, aldus [eisende partij] .
4.14.
De kantonrechter is van oordeel dat [eisende partij] gemotiveerd heeft betwist dat de kabel op 16 december 2023 is doorgeknipt. Mobimall heeft geen stukken overgelegd waaruit kan worden opgemaakt dat de kabel wel op 16 december 2023 is doorgeknipt. Het ligt op de weg van Mobimall om haar betwiste stelling deugdelijk te onderbouwen. Dat heeft zij niet gedaan.
Voor zover de kabel eerst op 31 januari 2024 is doorgeknipt heeft [eisende partij] voldoende gesteld dat zij een sabotagemelding heeft gekregen waar opvolging aan is gegeven.
Op grond van het voorgaande kan geen tekortkoming in de nakoming worden vastgesteld.
22 januari 2024
4.15.
Volgens Mobimall is op 22 januari 2024 om 10:07:11 een inbraakmelding geweest. Zij verwijst naar pagina 183 van het meldkamerrapport. Hier staan geen telefoonnummers van haar achter en is zij ook niet gebeld door [eisende partij] , aldus Mobimall.
[eisende partij] heeft aangevoerd dat het juist is dat er op 22 januari 2024 een inbraakalarm is geweest om 10:07:11, maar dat deze is hersteld binnen zes seconden. Overeenkomstig het protocol hoeft [eisende partij] hier geen opvolging aan te geven. Dit is niet door Mobimall betwist, zodat hier geen sprake is van een tekortkoming in de nakoming.
Conclusie
4.16.
Nu er geen sprake is geweest van een tekortkoming in de nakoming van de verplichtingen die een opschorting van [eisende partij] rechtvaardigt, en Mobimall de hoogte van het gevorderde factuurbedrag niet heeft betwist, wordt deze toegewezen.
Buitengerechtelijke incassokosten
4.17.
[eisende partij] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). [eisende partij] heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. [eisende partij] heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Daarom zal een bedrag van € 77,85 worden toegewezen.
Proceskosten
4.18.
Mobimall is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eisende partij] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
122,35
- griffierecht
340,00
- salaris gemachtigde
288,00
(2 punten × € 144,00)
- nakosten
72,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
822,35

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt Mobimall om aan [eisende partij] te betalen een bedrag van € 518,99, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW vanaf de vervaldatum van de onderliggende factuur, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt Mobimall om aan [eisende partij] te betalen een bedrag van € 77,85 aan buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt Mobimall in de proceskosten van € 822,35, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Mobimall niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Van den Berg Jeths-van Meerwijk en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026.