Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2026:3728

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
22 april 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
12055813 \ CV EXPL 26-73
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Dohmen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:94 BWArt. 6:217 BWArt. 7:11 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering betaling factuur wegens onvoldoende bewijs bestelling en ontvangst

Billink Financial Solutions B.V. vordert betaling van een factuur van € 28,85 vermeerderd met incassokosten en rente van gedaagde, omdat gedaagde de factuur onbetaald heeft gelaten. Billink stelt dat gedaagde een online bestelling heeft geplaatst via een website en dat de vordering is gecedeerd aan Billink.

Gedaagde betwist dat zij de bestelling heeft geplaatst of ontvangen en wijst erop dat de factuur al vijf jaar oud is en dat zij pas recent gebruikmaakt van de diensten van Billink. Billink heeft slechts onderbouwd dat persoonsgegevens bij de bestelling zijn ingevuld die overeenkomen met die van gedaagde, maar heeft geen bewijs geleverd dat gedaagde zelf de bestelling heeft geplaatst of de goederen heeft ontvangen.

De kantonrechter oordeelt dat Billink onvoldoende heeft gesteld en bewezen dat er een overeenkomst tot stand is gekomen tussen partijen. Ook is niet vastgesteld dat gedaagde de bestelling heeft ontvangen, terwijl de bewijslast daarvoor bij Billink ligt. Hierdoor wordt de vordering afgewezen, inclusief de incassokosten en rente. Billink wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: Vordering tot betaling factuur afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat gedaagde bestelling heeft geplaatst en ontvangen.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 12055813 \ CV EXPL 26-73
Vonnis van 22 april 2026
in de zaak van
BILLINK FINANCIAL SOLUTIONS B.V.,
te Gouda,
eisende partij,
hierna te noemen: Billink Financial Solutions B.V.,
gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso,
tegen
[gedaagde],
te [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding,
- de conclusie van antwoord,
- de conclusie van repliek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Er is op naam van [gedaagde] online een bestelling gedaan op de [website].
2.2.
Doordat er bij de online bestelling is gekozen voor ‘achteraf betalen’ via Billink Financial Solutions B.V. is de vordering op [gedaagde] tot betaling van de koopprijs gecedeerd aan Billink Financial Solutions B.V. Op de facturen is daarvan mededeling gedaan zoals bedoeld in artikel 3:94 BW Pro.
2.3.
Billink Financial Solutions B.V. heeft naar het bij de bestelling opgegeven e-mailadres een factuur gestuurd voor een bedrag van € 28,85.
2.4.
Op 16 april 2021 is er een aanmaning gestuurd naar hetzelfde e-mailadres. Daarin is vermeld dat de maximaal in rekening te brengen buitengerechtelijke incassokosten € 40,00 bedragen.
2.5.
[gedaagde] heeft deze factuur onbetaald gelaten.

3.Het geschil

3.1.
Billink Financial Solutions B.V. vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 75,48, vermeerderd met rente en kosten. Dit bedrag bestaat uit een hoofdsom van € 28,85, € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten en € 6,63 aan rente.
3.2.
Billink Financial Solutions B.V. legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] in gebreke is gebleven met het betalen van de factuur. Billink Financial Solutions B.V. onderbouwt haar vordering door te stellen dat [gedaagde] een koopovereenkomst op afstand heeft gesloten door op de website van [website] een bestelling te plaatsen welke bestelling aan haar is geleverd. Ondanks sommatie van de onbetaald gelaten factuur heeft [gedaagde] het openstaande bedrag van € 75,48 tot op heden niet betaald.
3.3.
[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] betwist dat zij de bestelling heeft geplaatst en ontvangen. De factuur is inmiddels vijf jaar oud. [gedaagde] maakt pas sinds een paar maanden gebruik van de diensten van Billink Financial Solutions B.V. [gedaagde] zag deze order op haar account staan en begreep uit het antwoord van Billink Financial Solutions B.V. op haar ingevulde contactformulier dat facturen na twee jaar verjaren.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering van Billink Financial Solutions B.V. wordt afgewezen. Hieronder licht de kantonrechter toe hoe hij tot dat oordeel komt.
4.2.
In onderhavige zaak verschillen partijen van mening over de vraag of er een bestelling door [gedaagde] is geplaatst en of die bestelling door [gedaagde] is ontvangen. [gedaagde] heeft de stellingen van Billink Financial Solutions B.V. nadrukkelijk betwist.
4.3.
Billink Financial Solutions B.V. heeft in haar conclusie van repliek aangegeven dat voor het plaatsen van een online bestelling een aantal persoonsgegevens ingevuld moet worden. Bij de bestelling zijn naast de naam en het adres ook het e-mailadres van [gedaagde] ingevuld. Billink Financial Solutions B.V. kan niet controleren of de ingevulde gegevens daadwerkelijk juist zijn. Na raadpleging van het BRP door de gemachtigde van Billink Financial Solutions B.V. bleek dat [gedaagde] woont op het bij de bestelling ingevulde adres. Nu de ingevulde gegevens overeenkomen met de persoonsgegevens van [gedaagde] is volgens Billink Financial Solutions B.V. voldoende gesteld dat [gedaagde] de bestelling heeft geplaatst. Nu voldoende is gesteld dat [gedaagde] de bestelling heeft geplaatst, had van [gedaagde] verwacht mogen worden dat zij contact zou opnemen over het niet ontvangen van haar bestelling. Doordat de ontvangst van de bestelling nu pas door [gedaagde] wordt betwist, heeft Billink Financial Solutions B.V. geen afleverbewijs meer kunnen opvragen.
4.4.
De eerste vraag die de kantonrechter moet beantwoorden is of er tussen Billink Financial Solutions B.V. en [gedaagde] een overeenkomst tot stand is gekomen. Daarbij geldt dat artikel 6:217 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat een overeenkomst tot stand komt door een aanbod en de aanvaarding daarvan.
4.5.
De kantonrechter oordeelt dat niet is komen vast te staan dat er tussen Billink Financial Solutions B.V. en [gedaagde] een overeenkomst tot stand is gekomen. Billink Financial Solutions B.V. heeft namelijk haar stelling dat [gedaagde] de bestelling heeft geplaatst, onvoldoende onderbouwd. Immers, het enkele feit dat voor het plaatsten van de bestelling gegevens moesten worden ingevuld, maakt niet per sé dat [gedaagde] de bestelling daadwerkelijk zélf heeft geplaatst. Er valt niet uit te sluiten dat iemand anders met de persoonlijke gegevens van [gedaagde] een bestelling op de website van [website] heeft geplaatst. Billink Financial Solutions B.V. heeft slechts ter onderbouwing van haar vordering schermafdrukken laten zien van een voorbeeldbestelling met welke stappen moeten worden doorlopen alvorens een bestelling wordt geplaatst. Echter, dit is geen onderbouwing of bewijs dat [gedaagde] dit daadwerkelijk zelf ook heeft doorlopen. Nu [gedaagde] nadrukkelijk betwist dat zij een bestelling heeft geplaatst, had het op de weg van Billink Financial Solutions B.V. gelegen om deze stelling nader te onderbouwen. Dit heeft Billink Financial Solutions B.V. niet gedaan. Daarmee staat voor de kantonrechter niet vast dat er tussen Billink Financial Solutions B.V. en [gedaagde] een overeenkomst tot stand is gekomen.
4.6.
Dat zou wellicht anders zijn als zou komen vast te staan dat [gedaagde] de bestelling wel heeft ontvangen en daarna heeft gehouden. Dat zou namelijk een aanknopingspunt kunnen zijn om aan te nemen dat zij de bestelling wel heeft geplaatst. [gedaagde] heeft echter ook nadrukkelijk betwist dat zij iets heeft ontvangen.
4.7.
De wet bepaalt dat bij een consumentenzaak waarbij de zaak bij de koper wordt bezorgd, de zaak voor het risico van de koper is vanaf het moment dat de koper of een door hem aangewezen derde, die niet de vervoerder is, de zaak heeft ontvangen. [1] De stelplicht en bewijslast van ontvangst door de consument rusten dus op de verkoper, in dit geval Billink Financial Solutions B.V.
4.8.
De kantonrechter oordeelt dat Billink Financial Solutions B.V. weliswaar heeft gesteld dat [gedaagde] de bestelling heeft ontvangen, maar Billink Financial Solutions B.V. heeft ook deze stelling onvoldoende onderbouwd. Billink Financial Solutions B.V. heeft bijvoorbeeld geen afleverbewijs of een ondertekend ontvangstbewijs van [gedaagde] overlegd. Sterker nog, Billink Financial Solutions B.V. stelt daarvan geen bewijs te kunnen leveren. Daarmee is Billink Financial Solutions B.V. ook op dit punt tekortgeschoten in haar stelplicht door deze stelling niet nader te onderbouwen. De kantonrechter volgt Billink Financial Solutions B.V. niet in haar redenering dat nu voldoende is gesteld dat [gedaagde] de bestelling heeft geplaatst, van [gedaagde] verwacht had mogen worden – bij het uitblijven van de ontvangst van haar bestelling - daarover contact op te nemen. Nu onvoldoende vast is komen te staan dat [gedaagde] daadwerkelijk de bestelling heeft geplaatst en kon verwachten, kan niet van [gedaagde] worden verlangd dat zij daarover contact zou opnemen met Petsonline.
4.9.
Het vorenstaande maakt dat de kantonrechter oordeelt dat nu Billink Financial Solutions B.V. er onvoldoende in is geslaagd om haar beide stellingen nader te onderbouwen, de vordering in hoofdsom voor een bedrag van € 28,85 van Billink Financial Solutions B.V. wordt afgewezen. Nu de vordering in hoofdsom wordt afgewezen, kunnen de overige verweren van [gedaagde] onbesproken blijven.
Buitengerechtelijke incassokosten en rente
4.10.
Nu de door Billink Financial Solutions B.V. geëiste hoofdsom wordt afgewezen, ontbreekt de grondslag voor toewijzing van de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en de rente. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente worden daarom afgewezen.
Billink Financial Solutions B.V. wordt in de proceskosten veroordeeld
4.11.
Billink Financial Solutions B.V. is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op nihil.
5. De beslissing
De kantonrechter
5.1.
wijst de vorderingen van Billink Financial Solutions B.V. af,
5.2.
veroordeelt Billink Financial Solutions B.V. in de proceskosten, welke aan de kant van [gedaagde] worden begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. Dohmen en in het openbaar uitgesproken op 22 april 2026.

Voetnoten

1.Artikel 7:11 BW Pro.