ECLI:NL:RBLIM:2026:4187
Rechtbank Limburg
- Rekestprocedure
- dr. Van Binnebeke
- Rechtspraak.nl
Wijziging voornamen minderjarige wegens beëindigd gezinsleven en psychisch leed
De moeder van de minderjarige verzoekt de rechtbank om de voornamen van haar kind te wijzigen, omdat de huidige voornamen verwijzen naar de vader en diens familie, met wie de minderjarige geen contact meer heeft en die negatieve gevoelens oproepen.
De rechtbank oordeelt dat de vader in deze procedure geen belanghebbende is, omdat het gezins- en familieleven tussen hem en de minderjarige is opgehouden te bestaan. Dit is onderbouwd met verklaringen over het gebrek aan contact en het psychisch leed van de minderjarige, die meerdere therapieën heeft gevolgd.
Op grond van artikel 1:4 lid 4 BW Pro moet een zwaarwichtig belang voor naamswijziging worden aangetoond. De rechtbank vindt dat dit belang is aangetoond, gezien het ongemak en de emotionele last die de minderjarige ervaart door haar huidige voornamen.
De rechtbank wijst het verzoek toe en bepaalt dat de voornamen worden gewijzigd, waarbij de griffier een afschrift van de beschikking zal zenden aan de burgerlijke stand van de gemeente, conform wettelijke bepalingen.
Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging van de voornamen van de minderjarige wordt toegewezen wegens het beëindigd gezinsleven en het psychisch leed dat de huidige voornamen veroorzaken.