Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[B.V. 1] ,
2.
[B.V. 2],
3.
[persoon 2],
1.De procedure
producties 1 t/m 27,
2.Het geschil
Primair
[partij A] stelt dat hij belang heeft bij de inzage van de gevorderde bescheiden, nu de omvang van zijn vordering afhangt van de daadwerkelijk gerealiseerde koopsom en de voorwaarden van de transactie.
3.De beoordeling in het incident
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in dictum)
4.De beslissing
€ 842,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe; als [partij A] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [partij A]
8 juli 2026voor conclusie van antwoord alsmede opgave verhinderdata aan de zijde van beide partijen voor een mondelinge behandeling in de periode juli tot en met december 2026,