Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.De procedure
2.De feiten
3.De vordering
4.De beoordeling
€ 189,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de
Rechtbank Limburg
De rechtbank Limburg behandelde een civiele bodemzaak waarin eiser vorderde dat een schenkingsovereenkomst van €35.925, gesloten tussen hem en gedaagde, werd vernietigd wegens een wilsgebrek. Gedaagde, die niet is verschenen en geen bekende verblijfplaats heeft, werd verstek verleend.
Eiser had gedaagde leren kennen toen zij als sekswerker werkte en had haar tussen juni 2024 en februari 2025 meerdere contante bedragen en overboekingen gedaan. De rechtbank stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd was op grond van Brussel I-bis-verordening, omdat de prestaties deels in Nederland waren verricht. Het toepasselijke recht was Nederlands recht volgens de Rome I-verordening.
De rechtbank oordeelde dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond was en wees deze toe. De schenkingsovereenkomst werd vernietigd wegens wilsgebrek, en gedaagde werd veroordeeld tot terugbetaling van het volledige bedrag binnen veertien dagen, met wettelijke rente bij verzuim. Tevens werd gedaagde veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De schenkingsovereenkomst wordt vernietigd en gedaagde wordt veroordeeld tot terugbetaling van €35.925 met proceskosten.