ECLI:NL:RBLIM:2026:5145

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
20 mei 2026
Publicatiedatum
22 mei 2026
Zaaknummer
11959116 \ CV EXPL 25-4802
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Van den Berg Jeths-van Meerwijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot verbetering vonnis inzake griffierecht

Op 24 april 2026 heeft Rijken Gerechtsdeurwaarders namens Tower Living B.V. een verzoek ingediend tot verbetering van het vonnis van 22 april 2026. Het verzoek betrof een vermeende fout in de toegewezen griffierechten: gefactureerd was €543,00, terwijl in het vonnis slechts €362,00 was toegewezen.

De kantonrechter heeft de gedaagde partij in de gelegenheid gesteld om op het verzoek te reageren, maar deze heeft geen gebruik gemaakt van die mogelijkheid. De rechter heeft vervolgens beoordeeld of er sprake was van een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere fout die zich voor eenvoudig herstel leent, zoals bedoeld in artikel 31 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

De kantonrechter oordeelt dat het vonnis geen kennelijke fout bevat die eenvoudig te herstellen is. Het criterium is dat een fout direct duidelijk moet zijn voor partijen en derden, zonder redelijke twijfel. Dit was niet het geval, aangezien het dictum van het vonnis aansluit bij de overwegingen. Daarom wordt het verzoek tot verbetering afgewezen.

Het vonnis is gewezen door kantonrechter Van den Berg Jeths-van Meerwijk en op 20 mei 2026 in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het verzoek tot verbetering van het vonnis wordt afgewezen wegens ontbreken van een kennelijke fout.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 11959116 \ CV EXPL 25-4802
Verbetervonnis van 20 mei 2026
in de zaak van
TOWER LIVING B.V.,
te Nijmegen,
eisende partij,
hierna te noemen: Tower Living,
gemachtigde: J.M. Rijken,
tegen

1.[gedaagde partij 1] V.O.F.,

te [plaats],
niet verschenen,
2.
[gedaagde partij 2], IN ZIJN HOEDANIGHEID VAN BEHEREND VENNOOT VAN GEDAAGDE SUB 1,
te [plaats],
gemachtigde: mr. J.P.A. Feijen,
3.
[gedaagde partij 3], IN ZIJN HOEDANIGHEID VAN BEHEREND VENNOOT VAN GEDAAGDE SUB 1,
te [plaats],
niet verschenen,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: gedaagden en afzonderlijk [gedaagde partij 1], [gedaagde partij 2] en [gedaagde partij 3].

1.Het verzoek tot verbetering

1.1.
Op 24 april 2026 heeft Rijken Gerechtsdeurwaarders namens Tower Living de kantonrechter verzocht om verbetering van het op 22 april 2026 in deze zaak gewezen vonnis. Rijken Gerechtsdeurwaarders geeft aan gefactureerd te zijn voor € 543,00 aan griffierecht, terwijl in het vonnis € 362,00 is toegewezen.
1.2.
De kantonrechter heeft [gedaagde partij 2] in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren.
[gedaagde partij 2] heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.

2.De beoordeling

2.1.
Op grond van artikel 31 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering verbetert de rechter te allen tijde, op verzoek van een partij of ambtshalve, in zijn vonnis een kennelijke rekenfout, schrijffout of andere kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Dit is het geval als het gaat om duidelijke verschrijvingen of fouten waarvan direct duidelijk is dat sprake is van een vergissing.
2.2.
De kantonrechter oordeelt dat in het vonnis van 22 april 2026 geen sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Criterium is namelijk of voor partijen en derden direct duidelijk is dat van een vergissing sprake is (MvT,
Parl. Gesch. Herz. Rv, p. 175;
Kamerstukken II1999/2000, 26855, 3, p. 63). De fout moet — mede in het licht van de stellingen van partijen — niet voor redelijke twijfel vatbaar zijn en voor derden op het eerste gezicht duidelijk zijn (MvT,
Parl. Gesch. Herz. Rv, p. 176). Te denken valt aan het geval waarin het dictum niet aansluit op de overwegingen in het vonnis. Dat is in deze zaak niet aan de orde. De kantonrechter zal het verzoek tot verbetering van het vonnis dan ook afwijzen.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
wijst het verzoek om verbetering van het op 22 april 2026 tussen partijen gewezen vonnis af.
Dit vonnis is gewezen door mr. Van den Berg Jeths-van Meerwijk en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026.