Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.[opdrachtgever 1] ,
2.
[opdrachtgever 2],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie en de daarbij overgelegde producties 1 tot en met 21
- de conclusie van antwoord in reconventie en de daarbij overgelegde producties 51 tot en met 62
- de akte van [aannemer] met productie 22
- de mondelinge behandeling op 30 oktober 2024 en het daarvan opgemaakte proces-verbaal.
2.De feiten
– voor zover hier relevant – inzake de door [aannemer] te plaatsen afvoer voor de Bora afzuiginstallatie in de keuken het volgende bericht aan [aannemer] gestuurd:
Ik heb even contact gehad met de keukenleverancier. (...). lk heb met hem ook over
[naam 1] gaat vandaag alles afmaken, daarna moet het opgeleverd worden.
Aaah ok top..
Er zijn hier en daar nog wat kleine dingen die op ‘ons’ lijstje staan [naam 4] . Heb je
Ik heb even snel een lijstje in elkaar gezet van wat me nog even te binnen schiet. Belangrijk dat we even een beetje een planning in ons hoofd hebben van wanneer wat kan gebeuren.”
3.Het geschil
4.De beoordeling
(“…, daarna moet het opgeleverd worden.”). De stelling van [opdrachtgevers] dat zij niet conform de overeenkomst en artikel 9 lid 1 van Pro de algemene voorwaarden van [aannemer] zijn uitgenodigd om bij de oplevering aanwezig te zijn, wordt dan ook verworpen. De rechtbank stelt verder vast – zoals door [aannemer] is gesteld en door [opdrachtgevers] onvoldoende gemotiveerd is weersproken – dat op 12 januari 2021 [aannemer] en [opdrachtgevers] (althans dhr. [opdrachtgevers] ) in/bij de woning van [opdrachtgevers] aanwezig zijn geweest en door hen een rondgang door de woning is gemaakt.
ex aequo et bonoworden bepaald, zulks op de voet van artikel 6:97 BW Pro.
standaloneventilatie.
“steeds wijzigingen[bleven]
aanbrengen in de deur die hij graag wilde”(CvA, randnr. 113) maakt dat niet anders. De rechtbank zal bepalen dat het door de deskundige hiervoor beraamde bedrag van € 1.191,36 door [aannemer] dient te worden vergoed door vermindering van de termijn van € 4.150,45 met dat bedrag.
– [aannemer] heeft op dit punt gemotiveerd gesteld dat dit gaat om werk dat door de loodgieter is gedaan, hetgeen door de deskundige wordt onderschreven – ten tijde van de oplevering zichtbaar dan wel moet dit zichtbaar zijn geweest. Bij gebreke van een tijdige melding hiervan, uiterlijk 22 januari 2021, passeert de rechtbank dit punt.
ex aequo et bonoen op grond van artikel 6:97 BW Pro te begroten bedrag van € 430,00 acht de rechtbank voor toewijzing vatbaar.
ex aequo et bonoop grond van artikel 6:97 BW Pro een vergoeding van € 300,00 worden toegewezen.
ex aequo et bonoeen vergoeding toegekend van € 260,00, met dien verstande dat voor post 64 reeds deels een vergoeding is toegekend (post 4, compriband) en voor het overige als niet tijdig gemeld en mitsdien als aanvaard dient te worden beschouwd.
€ 14.050,00 volgens de volgende rekenopstelling:
(wordt in mindering gebracht op laatste termijn [aannemer] )*
€ 4.150,45 verschuldigd. Hierop strekt het hiervoor genoemde bedrag van € 1.191,36 (post 18) in mindering, zodat voor deze laatste termijn resteert een nog door [opdrachtgevers] te betalen bedrag van € 2.959,09. Nu dit bedrag minder is dan het bedrag van € 14.050,00 dat [aannemer] dient te vergoeden en [opdrachtgevers] zich beroepen op verrekening met eventuele bedragen waartoe zij worden veroordeeld in reconventie, zal worden overgegaan tot beoordeling van de voorwaardelijke vorderingen in reconventie.
ex aequo et bonostellen op € 3.000,00 inclusief BTW.
[aannemer] : Heb net met [naam 5] overlegd. Hij gaat t in de showroom voorleggen
€ 358,00 exclusief BTW (€ 433,18 inclusief BTW) voor toewijzing vatbaar.
€ 11.140,88 kunnen worden toegewezen. De rechtbank ziet aanleiding om de gevorderde wettelijke rente over deze bedragen toe te wijzen vanaf de datum van eis in reconventie, zijnde 24 januari 2024.
€ 1.191,36 in mindering is gebracht
5.De beslissing
3 juni 2026.