ECLI:NL:RBLIM:2026:5296

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
3 juni 2026
Publicatiedatum
28 mei 2026
Zaaknummer
11960210 CV EXPL 25-4854
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Van den Berg Jeths-van Meerwijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 lid 4 BWArt. 6:119a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsovereenkomst glasvezelwerkzaamheden en afwijzing verrekening tegenvordering

Glasvezelwerk B.V. sloot een aannemingsovereenkomst met Van Gelder Telekom B.V. en schakelde eisende partij in voor glasvezelwerkzaamheden op twee adressen, uitgevoerd van februari tot april 2025. Eisende partij vorderde betaling van €10.738,27 inclusief rente en incassokosten, terwijl Glasvezelwerk B.V. zich op verrekening beriep met een tegenvordering van €11.940,50 wegens vermeende gebreken en schade.

De kantonrechter stelde vast dat de werkzaamheden door eisende partij waren uitgevoerd en erkend door Glasvezelwerk B.V., waardoor betaling van het afgesproken bedrag van €9.500,00 verschuldigd was. Het beroep op verrekening werd afgewezen omdat de tegenvordering onvoldoende eenvoudig en duidelijk was vastgesteld en nader onderzoek vereiste.

De vordering tot betaling van wettelijke handelsrente vanaf 7 juni 2025 werd toegewezen, evenals een beperkte vergoeding van €40,00 aan buitengerechtelijke incassokosten. Glasvezelwerk B.V. werd veroordeeld tot betaling van het bedrag van €9.917,27 plus rente en proceskosten van €1.096,40. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Glasvezelwerk B.V. is veroordeeld tot betaling van €9.917,27 plus rente en proceskosten aan eisende partij, met afwijzing van het verrekeningsverweer.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Roermond
Zaaknummer: 11960210 \ CV EXPL 25-4854
Vonnis van 3 juni 2026
in de zaak van
[persoon] H.O.D.N. [eisende partij],
wonende te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eisende partij] ,
gemachtigde: mr. C.A.M.H. Vink,
tegen
GLASVEZELWERK B.V.,
te Gennep,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Glasvezelwerk B.V.,
procederend in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties
- het mondeling genomen antwoord waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt. Tevens zijn daarbij producties overgelegd
- de brief van 22 januari 2026 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald
- de akte overlegging producties van [eisende partij]
- de mondelinge behandeling van 29 april 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Glasvezelwerk B.V. heeft een aannemingsovereenkomst gesloten met (hoofdaannemer) Van Gelder Telekom B.V. om (onder meer) op de adressen [adres 1] en [adres 2] glasvezel van KPN aan te leggen.
2.2
Voor de feitelijke uitvoering van deze werkzaamheden heeft zij [eisende partij] ingeschakeld. Deze heeft de betreffende werkzaamheden in de periode van 10 februari tot en met april 2025 uitgevoerd.
2.3.
In de whatsapp-berichten van 10 april 2025 en 22 april 2025 heeft [eisende partij] Glasvezelwerk B.V. gevraagd om over te gaan tot betaling van de door hem uitgevoerde werkzaamheden. In de whatsapp van 28 mei betaling heeft [eisende partij] nogmaals betaling binnen 10 dagen gevraagd.
2.3.
Onder meer bij brief van 2 juli 2025 heeft de gemachtigde van [eisende partij] Glasvezelwerk B.V. gesommeerd het openstaande bedrag van € 9.500,00 te betalen binnen 3 dagen.

3.Het geschil

3.1.
[eisende partij] vordert betaling van een bedrag van € 10.738,27 (zijnde € 9.500,00 aan hoofdsom, € 377,27 aan rente tot en met 14 oktober 2025 en € 861,00 aan buitengerechtelijke incassokosten) te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over
€ 9.500,00 vanaf 14 oktober 2025, met veroordeling van Glasvezelwerk B.V. in de kosten van het geding.
3.2.
Glasvezelwerk B.V. voert verweer en doet een beroep op verrekening.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

erkenning
4.1.
Vast staat dat [eisende partij] in opdracht en voor rekening van Glasvezelwerk B.V. de werkzaamheden aan bovengenoemde adressen heeft uitgevoerd en afgerond. Glasvezelwerk B.V. heeft dat op de mondelinge behandeling erkend c.q. niet betwist. Daardoor dient Glasvezelwerk B.V. in principe het (restant van het ) daarvoor afgesproken bedrag van € 9.500,00 aan [eisende partij] te betalen.
geen verrekening
4.2.
Ondanks diverse sommaties heeft Glasvezelwerk B.V. dat bedrag echter niet betaald. Zij beroept zich namelijk op verrekening. Zij stelt dat zij een tegenvordering heeft op [eisende partij] van € 11.940,50 uit hoofde van schadevergoeding. Deze wil zij verrekenen met het door haar verschuldigde bedrag van € 9.500,00.
4.3.
Die tegenvordering is volgens Glasvezelwerk B.V. ontstaan omdat [eisende partij] het werk niet goed heeft uitgevoerd. Hij beschikte niet over het voorgeschreven c.q. noodzakelijke materiaal, waardoor dat uiteindelijk op kosten van Glasvezelwerk B.V. is gehuurd. Bij het boren van gaten heeft [eisende partij] schade veroorzaakt die Glasvezelwerk B.V. later heeft moeten (laten) herstellen. Ook het inpandig gootwerk moest worden hersteld. Omdat [eisende partij] niet de veiligheidsvoorschriften in acht heeft genomen is een KAM melding gedaan, wat vertraging (en dus kosten) heeft teweeg gebracht met als gevolg dat [eisende partij] uiteindelijk niet meer op het project welkom was. De collega van [eisende partij] heeft de hoogwerker onjuist verplaatst, waardoor schade is ontstaan en het werk is stil komen te liggen. Dat heeft vertraging en schade opgeleverd. [eisende partij] heeft meerdere vezels gebroken en op reserve vezels gelast én ook de verkeerde kleurcombinatie toegepast. Dit alles moest hersteld worden waarmee veel uren gemoeid waren. Daarnaast zijn er meerdere storingen gemeld die op kosten van Glasvezelwerk B.V. opgelost zijn. Schoonmaak- en herstelkosten en een vergoeding van interne uren zijn daarbij niet meegerekend. Het bedrag van € 11.940,50 heeft Glasvezelwerk B.V. in haar antwoord gespecificeerd. Met dit bedrag is nog niet alle schade voldaan omdat er nog steeds storingen blijven binnen komen, die de hoofdaannemer op kosten van Glasvezelwerk B.V. uitvoert. Door dit alles is Glasvezelwerk B.V. andere projecten kwijt geraakt.
4.4.
Al deze stellingen zijn door [eisende partij] uitvoerig tegengesproken op de mondelinge behandeling, waarbij hij puntsgewijs heeft verwezen naar overgelegde producties. Daarbij heeft [eisende partij] zich ook op het standpunt gesteld dat de gestelde posten niet c.q. onvoldoende zijn onderbouwd, het causale verband met de door hem uitgevoerde werkzaamheden niet is aangetoond en hij niet in gelegenheid is gesteld om herstelwerkzaamheden uit te voeren.
4.5.
Gelet op het door [eisende partij] gevoerde en onderbouwde verweer tegen deze tegenvordering van Glasvezelwerk B.V., is de kantonrechter van oordeel dat die tegenvordering niet gemakkelijk is vast te stellen: de standpunten van beide partijen daarover dienen nader onderzocht te worden om vast te kunnen stellen of die tegenvordering – geheel dan wel gedeeltelijk – komt vast te staan. De wet zegt namelijk dat die te verrekenen vordering op een eenvoudige manier moet kunnen worden vastgesteld, zonder nader onderzoek daarnaar te moeten doen. Daarvan is in casu geen sprake.
Daarom wijst de kantonrechter het door Glasvezelwerk B.V. gedane beroep op verrekening af.
reconventie
4.6.
In zijn antwoord heeft Glasvezelwerk B.V. aangegeven dat hij subsidiair een vordering in reconventie wil indienen. Tijdens de mondelinge behandeling heeft Glasvezelwerk B.V. echter aangegeven dat hij tegenvordering nog met een advocaat wenst te bespreken. In verband daarmee heeft hij deze subsidiaire stelling niet langer gehandhaafd, zodat de kantonrechter deze niet (meer) hoeft te beoordelen.
tussenconclusie
4.7.
Bovenstaande betekent dat de kantonrechter van oordeel is dat Glasvezelwerk B.V. nog een (restant) bedrag van € 9.500,00 aan [eisende partij] dient te voldoen.
handelsrente
4.8.
[eisende partij] vordert over de hoofdsom wettelijke handelsrente vanaf 7 juni 2025. Tot en met 14 oktober 2025 is daarmee een bedrag van € 377,27 gemoeid.
Gelet op de inhoud van zijn whatsapp van 28 mei 2025 acht de kantonrechter deze rente toewijsbaar, mede gelet op het feit dat Glasvezelwerk B.V. de verschuldigdheid ervan én de gevorderde bedragen niet heeft betwist.
buitengerechtelijke incassokosten
4.9
Terzake deze kosten vordert [eisende partij] een bedrag van € 861,00.
De vordering tot vergoeding van deze buitengerechtelijke (incasso-)kosten zal - mede gelet op de door de kantonrechter gevolgde aanbevelingen van het Rapport BGK-integraal – enkel worden toegewezen tot een bedrag van € 40,00. [eisende partij] heeft immers niet gesteld dat kosten zijn gemaakt die betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een (niet aanvaard) schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De kosten waarvan [eisende partij] vergoeding vordert, moeten dan ook worden aangemerkt als betrekking hebbend op verrichtingen waarvoor de proceskostenveroordeling wordt geacht een vergoeding in te sluiten. Nu er echter sprake van een handelsovereenkomst zal er op grond van het bepaalde in artikel 6:96 lid 4 BW Pro terzake een bedrag van € 40,00 aan buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
proceskosten
4.10.
Glasvezelwerk B.V. is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eisende partij] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
119,40
- griffierecht
257,00
- salaris gemachtigde
720,00
(2 punten × € 360,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.096,40.

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt Glasvezelwerk B.V. om aan [eisende partij] te betalen een bedrag van € 9.917,27, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over een bedrag van € 9.500,00 met ingang van 15 oktober 2025, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt Glasvezelwerk B.V. in de proceskosten van € 1.096,40, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
te vermeerderen met de kosten van betekening als Glasvezelwerk B.V. niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend. In dat geval is ook vanaf dan wettelijke rente daarover verschuldigd,
5.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad en
5.4.
wijst af het anders of meer gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. Van den Berg Jeths-van Meerwijk en in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2026.