Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
Rechtbank Limburg
De verhuurder verhuurde sinds 2005 een woning aan de huurder. In oktober 2024 trof de politie in de woning hennep en attributen voor een hennepplantage aan. De burgemeester besloot de woning voor drie maanden te sluiten. De verhuurder ontbond de huurovereenkomst buitengerechtelijk in april 2025.
De huurder voerde aan dat het ging om een kleinschalige poging hennepolie te maken voor medische doeleinden en dat ontruiming disproportioneel zou zijn vanwege de medische situatie van zijn dochter en het ontbreken van alternatieve woonruimte. De kantonrechter oordeelde dat de verhuurder terecht de overeenkomst ontbond op grond van de Opiumwet en dat de huurder tekort is geschoten in zijn verplichtingen als goed huurder.
De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het belang van de verhuurder om drugsgerelateerde activiteiten te bestrijden zwaarder weegt dan het woonbelang van de huurder. De gevorderde ontruiming is proportioneel, maar de uitvoerbaarheid bij voorraad wordt afgewezen vanwege het bezwaar van de huurder en het ontbreken van een spoedeisend belang. De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen en tot betaling van de huur tot die datum, alsmede tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De huurovereenkomst is buitengerechtelijk ontbonden en ontruiming binnen veertien dagen bevolen, met behoud van huurbetaling tot ontruiming.