ECLI:NL:RBLIM:2026:591

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
21 januari 2026
Publicatiedatum
21 januari 2026
Zaaknummer
03.325384.23
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling wegens ontuchtige handelingen met minderjarig slachtoffer en bezit van kinderporno

Op 21 januari 2026 heeft de Rechtbank Limburg in Maastricht uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte die beschuldigd werd van ontuchtige handelingen met een minderjarig slachtoffer en het bezit van kinderporno. De verdachte, geboren in 1986, werd bijgestaan door mr. H.E.P. van Geelkerken. De zaak werd inhoudelijk behandeld op 7 januari 2026, waarbij de verdachte niet aanwezig was, maar zijn gemachtigde raadsman wel. Het minderjarig slachtoffer heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het proces, maar was niet persoonlijk aanwezig. De rechtbank heeft de vordering tot schadevergoeding behandeld, waarbij de benadeelde partij vertegenwoordigd werd door een medewerker van Slachtofferhulp Nederland.

De tenlastelegging omvatte twee feiten: het plegen van ontucht met het minderjarig slachtoffer, dat op het moment van de feiten jonger was dan 16 jaar, en het bezit van kinderporno. De officier van justitie heeft betoogd dat beide feiten wettig en overtuigend bewezen zijn, onderbouwd door de verklaringen van het slachtoffer en getuigen, alsook door het aantreffen van kinderpornografisch materiaal op de telefoon van de verdachte. De verdediging heeft vrijspraak bepleit, maar de rechtbank oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer betrouwbaar waren en dat er voldoende bewijs was voor de bewezenverklaring van de feiten.

De rechtbank heeft de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Daarnaast zijn er bijzondere voorwaarden opgelegd, waaronder een meldplicht en een beroepsverbod van 3 jaren. De rechtbank heeft ook een schadevergoeding van 2.521,82 euro toegewezen aan het slachtoffer, te vermeerderen met wettelijke rente. De uitspraak benadrukt de ernst van de feiten en de impact op het slachtoffer, evenals de noodzaak om de verdachte te behandelen en te begeleiden in de toekomst.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer : 03.325384.23
Tegenspraak, na aanhouding niet verschenen (gemachtigde raadsman)
Vonnis van de meervoudige kamer van 21 januari 2026
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboortegegevens] 1986,
wonende te [adres 1]
De verdachte wordt bijgestaan door mr. H.E.P. van Geelkerken, advocaat kantoorhoudende te Brunssum.

1.Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 7 januari 2026. De verdachte is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.
Het minderjarig slachtoffer [slachtoffer] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces. De benadeelde partij is niet in persoon op zitting verschenen. Namens de benadeelde partij is op de zitting gehoord mevrouw [naam 1] , werkzaam bij Slachtofferhulp Nederland. De rechtbank heeft de vordering tot schadevergoeding behandeld.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:
Feit 1:ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] ), terwijl zij jonger was dan 16 jaar;
Feit 2:kinderporno heeft verspreid, aangeboden, openlijk tentoongesteld, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd, verworven, in bezig heeft gehad en/of zich daartoe toegang heeft verschaft.

3.De beoordeling van het bewijs

3.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie is van mening dat de feiten 1 en 2 wettig en overtuigend bewezen zijn.
Ten aanzien van feit 1 wijst de officier van justitie op de consistente, gedetailleerde, authentieke – en daarmee betrouwbare – verklaringen van [slachtoffer] . Deze verklaringen vinden steun in de verklaring van de moeder van [slachtoffer] over het moment van ‘disclosure’ en de emoties van [slachtoffer] op dat moment, het whatsapp-verkeer tussen getuige [naam 2] en de verdachte, alsook de evident leugenachtige verklaring van de verdachte dat hij op 8 september 2023 niet in de woning van [naam 2] is geweest. Het feit dat er DNA-materiaal van getuige [naam 2] op de sportbroek van [slachtoffer] is aangetroffen, kan worden verklaard door het stoeien en kietelen van die avond. [slachtoffer] is daarbij stellig in haar verklaringen dat niet [naam 2] , maar de verdachte haar onzedelijk heeft betast. Van het verweten ‘brengen van de hand in de broek’ van [slachtoffer] moet de verdachte partieel worden vrijgesproken, nu hiervoor het wettig en overtuigend bewijs ontbreekt.
Ten aanzien van feit 2 wijst de officier van justitie op de processen-verbaal van bevindingen inzake het aantreffen van de gegevensdragers, de daarop aangetroffen afbeeldingen en de omschrijving daarvan. Een deel van deze afbeeldingen was voor de verdachte benaderbaar in de verweten periode. De officier van justitie wijst erop dat het gegevensdragers betrof die van de verdachte zelf waren, deze bij hem in gebruik waren en dat de verdachte geen aannemelijke verklaring heeft gegeven voor de aangetroffen afbeeldingen. De officier van justitie acht derhalve bewezen dat de verdachte de kinderpornografische afbeeldingen en de gegevensdragers waarop deze zijn aangetroffen in zijn bezit heeft gehad. Van de overige verweten gedragingen dient de verdachte partieel te worden vrijgesproken nu het bewijs daarvoor ontbreekt.
3.2
Het standpunt van de verdediging
Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsman de vrijspraak van de verdachte bepleit. Hoewel de verdachte – volgens de raadsman om verschoonbare redenen – aantoonbaar heeft gelogen over zijn aanwezigheid in de woning van getuige [naam 2] op 8 september 2023, heeft de verdachte consequent en stellig ontkend het tenlastegelegde te hebben gepleegd. Daarnaast is op het sportbroekje van [slachtoffer] geen DNA-materiaal aangetroffen van de verdachte, maar van getuige [naam 2] , wat de stellige ontkenning van de verdachte ondersteunt. Door de getuige [naam 2] wordt volgens de raadsman onvoldoende uitleg gegeven voor de aanwezigheid van zijn DNA-materiaal op het sportbroekje van [slachtoffer] . De raadsman concludeert dat gezegd kan worden dat er weliswaar wettig bewijs is, maar dat uit dit bewijs de overtuiging niet kan worden verkregen.
Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsman aangevoerd dat er wettig en overtuigend bewijs is dat de verdachte op zijn gegevensdragers kinderpornografisch materiaal in bezit heeft gehad. Van de overige verweten gedragingen ten aanzien van dit materiaal dient te verdachte partieel te worden vrijgesproken.
3.3
Het oordeel van de rechtbank [1]
Ten aanzien van feit 1
Bewijsmiddelenoverzicht
Op 11 september 2023 heeft er een informatief gesprek zeden plaatsgevonden met [naam 3] , de vader van [slachtoffer] . De politie heeft over dit gesprek gerelateerd, zakelijk weergegeven [2] :
De vader van het minderjarig slachtoffer [slachtoffer] vertelde dat op vrijdag 8 september 2023 omstreeks 19:00 uur zijn echtgenote [naam 4] hun drie kinderen had gebracht naar [naam 2] , wonende te [naam club] , [adres 2] . [naam 3] vertelde dat hun kinderen in de woning van [naam 2] verstoppertje hadden gespeeld waarbij een vriend van [naam 2] was aangesloten en mee had gedaan. Die man, genaamd: [verdachte] , had [slachtoffer] tweemaal tussen haar benen betast. Eén keer toen [slachtoffer] en [verdachte] samen onder een deken lagen, vermoedelijk in de buurt van de verwarming. Een tweede keer was dat gebeurd in de buurt van een deur in die woning. [verdachte] zou aan [slachtoffer] op enig moment hebben gevraagd: "Mag ik doorgaan met spelen, met voelen?" [slachtoffer] was afgelopen vrijdagavond 8 september te samen met haar zusjes naar bed gebracht door haar moeder maar kwam even later huilend naar beneden en vertelde tegen haar moeder het vorenstaande relaas.
De eerste tegen wie [slachtoffer] het had gezegd was haar moeder [naam 4] . Daarna is [slachtoffer] weer naar haar kamer gegaan; echter toen haar vader [naam 3] thuis kwam van zijn middagdienst, is zij weer naar beneden gegaan en heeft het relaas ook tegen haar vader [naam 3] verteld. [naam 3] vertelde dat [slachtoffer] hem huilend in zijn armen viel en dit relaas vertelde. Zij vertelde tegen [naam 3] dat die jongen bij haar onderbroekje tussen haar benen had gezeten. [slachtoffer] vertelde dat zij met die jongen onder de deken had gelegen bij de verwarming. Zij vertelde dat [slachtoffer] tegen haar vader heeft gezegd dat hij op haar sportbroekje is geweest. [naam 3] heeft gevraagd wat die jongen deed. Daarop heeft [slachtoffer] geantwoord dat hij daarover wreef waarbij [slachtoffer] heeft voorgedaan aan haar vader [naam 3] dat zij met haar hand(en) wreef over haar op dat moment gedragen kleding ter hoogte van haar vagina. [slachtoffer] heeft verteld dat die jongen tweemaal één van zijn handen op dat sportbroekje ter plekke van haar vagina heeft gelegd. Vader [naam 3] vertelde dat het beide keren was gestopt doordat [slachtoffer] zich had omgedraaid en weg was gegaan van die jongen.
Op 15 september 2023 heeft [naam 3] vervolgens aangifte gedaan van seksueel misbruik tegen de verdachte. Hij heeft verklaard, zakelijk weergegeven [3] :
V: Tegen wie doe je aangifte?
A: [verdachte] .
V: Welke handelingen heeft [verdachte] bij [slachtoffer] gedaan?
A: Met de handen tussen de benen op de schaamstreek gewreven. Gevraagd of hij verder mocht spelen en verder mocht voelen.
V: Dat wrijven over de schaamstreek was dit in of over de kleding?
A: Op het broekje.
V: Wat voor broekje?
A: Voetbalbroekje.
V: Hoe vaak heeft dat plaatsgevonden?
A: Twee keer.
V: Wanneer heeft dat plaats gevonden?
A: Op vrijdag 8 september 2023 rond 19.00 uur werd [naam 4] met de kinderen opgehaald door [naam 2] . Dus het moet gebeurd zijn tussen 19.30 uur en 22.30 uur.
V: Waar heeft het feit plaatsgevonden?
A: Bij [naam 2] thuis. [adres 2] te [naam club] .
Op 1 november 2023 werd [naam 4] , de moeder van [slachtoffer] , als getuige gehoord. Zij heeft verklaard, zakelijk weergegeven [4] :
Ik was gaan trainen bij [naam club] en de kinderen, [slachtoffer] en [naam 5] , zijn met [naam 2]
naar zijn huis gegaan om aldaar de wedstrijd van Nederland te kijken. Blijkbaar is
toen bij [naam 2] [verdachte] op bezoek gekomen. Ik ben toen tussen 22 en 23 uur thuis aangekomen met mijn fiets. Ik trof toen [naam 6] , [slachtoffer] en [naam 5] en ook [naam 2] bij mij thuis aan. Ik zei toen tegen [slachtoffer] en [naam 5] dat zij met mij naar boven moesten gaan. Wij gingen dus met ons drieën naar boven. Daar hebben [slachtoffer] en [naam 5] hun tanden gepoetst waarna zij naar hun eigen kamer zijn gegaan om te gaan slapen. Na 5 minuten kwam [slachtoffer] weer naar beneden. [slachtoffer] zei toen tegen mij: "Mamma, ik moet je wat vertellen."
V: Wat zegt [slachtoffer] tegen jou op haar kamer?
A: Ze zei: "Daar was een vriend van [naam 2] op bezoek. Wij gingen verstoppertje spelen onder de deken. Die meneer wilde bij mij twee keer in mijn broekje gaan maar ik heb tweede keer neen gezegd". [slachtoffer] vertelde verder dat zij daarna achter een deur bij [naam 2] thuis hadden gestaan en dat die vriend weer bij haar in haar broekje wilde gaan maar dat [slachtoffer] toen weer neen tegen die vriend had gezegd.
Ik herinner mij wel dat zij even daarna weer naar beneden kwam en dat zij toen
huilde. [naam 3] was toen thuis. Zij kwam toen de woonkamer binnen. Ik had het toen net tegen [naam 3] verteld.
V: Wat heeft [slachtoffer] toen nog verteld in de woonkamer toen zij de tweede keer naar
beneden kwam?
A: Zij heeft niks verteld. Ze was alleen maar aan het huilen. Ze was heel erg
verdrietig.
Op 22 september 2023 werd [slachtoffer] gehoord in de kindvriendelijke verhoor studio. De politie heeft hieromtrent gerelateerd, zakelijk weergegeven [5] :
Als getuige werd gehoord:
[slachtoffer]
Geboren op [geboortedatum]
Desgevraagd verklaarde [slachtoffer] , onder andere, dat:
-Dat de vriend van [naam 2] haar heeft aangeraakt
- Dat ze met de vriend van [naam 2] , [verdachte] bedoelt
- Dat het aanraken twee keer gebeurd is
- Dat het aanraken gebeurde op de slaapkamer van [naam 2]
Desgevraagd verklaarde [slachtoffer] , onder andere, dat:
- Hij haar heeft aangeraakt onder de dekens
- Ze met hij [verdachte] bedoelde
- Hij vroeg of hij aan haar vagina mocht zitten
- Hij zijn hand bij haar broekje had gedaan, bij haar vagina
- Hij zijn hand alleen op haar broekje had gedaan en niet erin
- Hij erbij kwam liggen onder de dekens
- Hij met zijn vingers bij haar vagina zat en daar hard deed drukken
- Dat dit pijn deed omdat hij heel hard deed drukken
- Hij vroeg of hij in het broekje mocht voelen
- Zij nee tegen hem zei
- Hij twee keer vroeg of hij mocht blijven voelen
- Zij nee zei
- Hij twee keer bij haar broekje heeft gevoeld
- Hij wel probeerde om van bovenaf in haar broekje te komen
- Dat het op twee verschillende momenten is gebeurd
- [verdachte] de eerste keer bij haar in het bed lag onder de dekens
- [verdachte] de tweede keer naast het bed lag bij de verwarming
Desgevraagd verklaarde [slachtoffer] tot slot dat:
- Er een halve meter tussen het bed en de verwarming zit
- [verdachte] op zijn zij met zijn gezicht richting [slachtoffer] lag
- Hij toch aan haar ging zitten ondanks dat [slachtoffer] nee zei
- Hij de tweede keer op de grond naast het bed lag
- Hij met zijn hand toen op het bed kwam
- Zij wel op het bed lag
Op 16 september 2025 wordt [slachtoffer] nogmaals in een verhoorstudio gehoord. Zij heeft daarbij verklaard, zakelijk weergegeven [6] :
G Eh omdat d'r een man gewoon aan mij zat zonder dat ja, gewoon zonder iets. Ja, gewoon, gewoon ineens.
V Hm hm. Oké. Nou dat is inderdaad ook waarom we nu weer hier zijn hè? Hé want die man die aan jou zat, zomaar ineens, wie was dat?
G Nou een vriend van ja, wat, want m'n moeder en m'n vader waren bevriend van iemand van een club,
G van [naam club] en
V En wie was dat dan?
G Eh [naam 2] .
G Ja, en eh [naam 2] z'n vriend die kwam eh gewoon op bezoek, maar [naam 2] wist zelf ook niet dat hij zo was, want hun waren ook bevriend. En toen eh. Ik ging naar [naam 2] huis om voetballen daar te kijken.
G En mijn broertje was d'r ook bij.
G [naam 5] .
V Dus je was bij [naam 2] , zei je.
V Daar was een vriend van [naam 2] .
G Ja.
V Weet je nog hoe die heette?
G Volgens mij [verdachte] of zo.
V En wat was er gebeurd?
G Ja, we gingen toen verstoppertje spelen
G Eh in zijn huis.
G En eh toen eh ging ik onder de deken verstoppen.
G En eh toen kwam hij ineens ook gewoon onder de deken.
G En toen eh zei die hallo of zo.
G En toen eh eh ging die ineens met z'n hand ja, bij m'n vagina. En toen eh ging dier daar voelen. Maar ik dacht zo van: ja, hoezo doet die dat? En ik wou eigenlijk weg gaan. Maar toen zeit die: mag ik daar binnen voelen? En toen zei ik: nee, waarom? En toen zei die eh zo van: ja, gewoon. Ik zei: nee, waarom? En toen ja, had die ons gevonden en toen gingen we verder.
G Eh nee, daarna zijn we. Toen heeft die ons naar huis gebracht. En daarna heb ik 't aan m'n vader en moeder verteld.
V Ja. Oké. Ehm nou toen die eerste keer had je inderdaad verteld dat die avond bij [naam 2] iets was gebeurd wat je niet fijn vond.
V Vertel eens, wat was dat?
G Oh. Ja, ik vertelde gewoon ja, die man eh van [naam 2] , zijn vriend, die begon ineens aan mijn vagina te voelen. En eh ja, dat vind ik gewoon niet fijn dat die aan mij zit.
V Dat bedoel. Dat die aan jouw vagina zat, dat had je eigenlijk net al verteld hè? Dat bedoelde jij met dat niet fijne?
G Ja.
V Duidelijk. Hé inderdaad wat eh. Aan jouw vagina zitten, want wie had dat bij jou gedaan?
G Die vriend van [naam 2] .
G Volgens mij, eh [verdachte] , ja. [verdachte] .
Getuige [naam 2] heeft op 14 september 2023 een verklaring afgelegd. Hij heeft verklaard, zakelijk weergegeven [7] :
Ik heb de kinderen opgehaald bij [naam 4] om iets voor 19:00 want om 19:00 heb ik de moeder bij [naam club] afgezet, zij moest met de dames trainen. Waarschijnlijk ben ik rond 19:30 thuis aangekomen met de kinderen. De kinderen zijn [naam 5] en [slachtoffer] . [verdachte] was mijn toenmalige vriend. Ik heb hem uitgenodigd om samen gezellig naar het voetbal te kijken. Rond de klok van 20:30 is hij gekomen zodat ik nog een uurtje rustig met de kinderen zelf bezig kon zijn en mijn huisje heb laten zien, omdat ze de eerste keer bij mij thuis waren. In dat uurtje hebben we nog tikkertje gespeeld, dat was voordat [verdachte] op bezoek kwam. De wedstrijd begon 20:45. De kinderen waren zich een beetje aan het vervelen, we hebben tikkertje gespeeld en toen wilde de kinderen verstoptikkertje doen. We doen alle 4 mee.
Rond 23:00 uur ben ik bij hun thuis gearriveerd. De kinderen werden naar bed gebracht en door moeder verzorgd, ik heb gewacht. Toen kwam de moeder terug van het naar bed brengen van de kinderen. Toen vertelde ze me dat [verdachte] met de hand in de broek van [slachtoffer] had gezeten, of in ieder geval op een plek waar hij de handen niet zou moeten hebben. Vader kwam thuis en die kreeg het ook te horen, die zat vol vragen wat er precies is gezegd en gevraagd, weet ik niet meer. Toen kwam [slachtoffer] met tranen in de ogen naar beneden omdat ze niet kon slapen.
V: Heb jij gezien dat [slachtoffer] en [verdachte] op enig moment in jouw woning onder een
deken/dekbed hebben gezeten of gelegen?
A: [verdachte] lag klem tussen het bed en verwarming op de slaapkamer, op dat moment lag [slachtoffer] wel onder het dekbed op het bed van mij.
Uit het proces-verbaal van bevindingen inzake de appgesprekken tussen de verdachte en getuige [naam 2] volgt, zakelijk weergegeven [8] :
Op 4 september 2023 ontving ik, [naam 7] , drie mails van [naam 2] via zijn
mailadres [e-mailadres] , inhoudende onder meer een app van [verdachte] waarin hij vertelt over het spelen van verstoppertje en tikkertje de avond ervoor.
Het betreft appverkeer tussen kennelijk [naam 2] en [verdachte] ,
aanvangende op 7 mei 2023 te 08:51 uur en eindigend op 9 september 2023 op 09:31 uur.
Op pagina 38, de laatste pagina van dit bestand, staat het volgende vermeld:
"09-09-2023 08:17 - [naam 2] : [verdachte] hierbij is onze vriendschap over nadat wat zich
bij mij heeft voorgedaan gisteravond
09-09-2023 09:04 - [verdachte] : Wat is dan voorgevallen gisteren avond waar heb jij het
voeg
09-09-2023 09:04 - [verdachte] : Plus [naam 8] apte me net
09-09-2023 09:05 - [verdachte] : Die van [naam 9] gaat wel door
09-09-2023 09:06 - [verdachte] : Wat heeft zich gisteren bij jou voor gedaan dan dat mag jij me eens even gaan vertellen want dit snap ik even niet
09-09-2023 09:17 - [verdachte] : We hebben gisteren alleen tikkertje en vertoooertje [
de rechtbank verstaat: verstoppertje] gedaan ik heb niemand of wat dan ook aangeraakt alleen jij omdat jij de kinderen kent ik kan ze niet ja jij zei geef de kitteldood dat is het enige ik kan ook wat er van vinden dat jij die meid op de kont sloeg dat doe ik ook niet dus waar hebben we hebben jij het over
Bewijsoverwegingen
Gelet op het bewijsmiddelenoverzicht is de rechtbank van oordeel dat de verklaringen van [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , betrouwbaar zijn. De verklaringen van [slachtoffer] , die zij heeft afgelegd ten overstaan van haar ouders en tijdens twee studioverhoren, zijn gedetailleerd, authentiek en consistent. Anders dan door de raadsman is betoogd, heeft de rechtbank geen aanleiding om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] over de tenlastegelegde ontuchtige handelingen. Hoewel [slachtoffer] enigszins wisselend heeft verklaard over het al dan niet plaatsvinden van de ‘kieteldood’ in het huis van getuige [naam 2] staat voor de rechtbank op basis van het bewijsmiddelenoverzicht voldoende vast dat er een verstopspelletje en een tikspelletje heeft plaatsgevonden waarbij men elkaar moest aanraken om elkaar de beurt te geven.
De verklaringen van [slachtoffer] worden ondersteund door de verklaring over de ‘disclosure’ door getuige [naam 4] (moeder) en de emoties daarbij die [slachtoffer] vrijwel direct na thuiskomst toonde. Ook aangever [naam 3] (vader) heeft verklaard over de emoties van [slachtoffer] die avond.
Door de verdachte wordt stellig ontkend dat hij op 8 september 2023 in de woning van getuige [naam 2] aanwezig was en dat hij ontuchtige handelingen met [slachtoffer] heeft gepleegd. De ontkenning van de verdachte wordt evenwel weerlegd door het bewijsmiddelenoverzicht. Zowel door [slachtoffer] als getuige [naam 2] wordt immers verklaard dat de verdachte wel degelijk op genoemde avond in de woning aanwezig was. Daarbij kent de rechtbank ook gewicht toe aan het appgesprek tussen de verdachte en getuige [naam 2] op 9 september 2023, waarin getuige [naam 2] zijn vriendschap met de verdachte opzegt vanwege ‘
wat zich bij mij heeft voorgedaan gisteravond’. In zijn reactie van 9 september 2023 om 09:17 uur reageert verdachte zodanig dat daaruit niet anders kan worden begrepen dat de verdachte wel degelijk ter plaatse was. De verdachte heeft aldus kennelijk leugenachtig verklaard over zijn aanwezigheid.
Zonder dat aan de verdachte enige context wordt gegeven in diens appgesprek voornoemd met getuige [naam 2] schrijft de verdachte daarin spontaan om 09:17 uur ‘
ik heb niemand of wat dan ook aangeraakt’. Dat de verdachte uit zichzelf een dergelijk bericht als reactie aan getuige [naam 2] stuurt ziet de rechtbank als steunbewijs voor de verklaringen van [slachtoffer] .
Volgens de raadsman leidt de omstandigheid dat op (de band en een gebied van 7 x 7 cm ter hoogte van het kruis van) het sportbroekje van [slachtoffer] DNA-materiaal is aangetroffen van getuige [naam 2] en níet het DNA van de verdachte, tot de conclusie dat de verdachte [slachtoffer] dus niet ontuchtig heeft aangeraakt. De rechtbank deelt deze conclusie niet. Dat er geen DNA-materiaal van de verdachte is aangetroffen op het sportbroekje van [slachtoffer] betekent niet dat er geen ontuchtige aanraking heeft plaatsgevonden door de verdachte. Niet ieder fysiek contact leidt tot DNA-overdracht, nu deze overdracht afhankelijk is van de mate van contact, de wijze waarop dit heeft plaatsgevonden en het materiaal van het betrokken goed. In de omstandigheid dat er geen DNA-materiaal van de verdachte op het sportbroekje is aangetroffen kan de rechtbank de redenering van de raadsman, inhoudende dat er dús geen ontuchtige handelingen hebben plaatsgevonden, niet volgen. Andersom geldt dat het aangetroffen DNA-materiaal van getuige [naam 2] op het sportbroekje van [slachtoffer] , past binnen de verklaring van getuige [naam 2] dat hij, in zijn woning, met [slachtoffer] heeft gestoeid en hij [slachtoffer] daarbij een tik op de billen heeft gegeven. De rechtbank verwerpt het verweer van de raadsman dan ook.
Nu de rechtbank de verklaringen van [slachtoffer] betrouwbaar acht en daarvoor voldoende steunbewijs is, oordeelt zij dat er wettig en overtuigend bewijs is dat de verdachte met [slachtoffer] op twee momenten in de avond van 9 september 2023 ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die erin bestonden dat hij zijn hand en/of vingers tussen haar benen en op haar broek heeft gebracht, en vervolgens haar vagina haar aangeraakt of daarop heeft gedrukt. Er is geen bewijs voor het in de broek en/of onderbroek brengen van zijn handen en/of vingers. Van deze gedraging wordt de verdachte partieel vrijgesproken.
Ten aanzien van feit 2
Bewijsmiddelenoverzicht
De politie heeft onder de verdachte een Apple iPhone 14 inbeslaggenomen. Hierover heeft de politie gerelateerd, zakelijk weergegeven [9] :
Op woensdag 16 augustus 2023 werd de verdachte [verdachte] buiten heterdaad aangehouden in verband met overtreding van artikel 248B van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr). Hierbij werd zijn smartphone, Apple iPhone 14, wit van kleur inbeslaggenomen. Hierop ben ik, verbalisant, op woensdag 16 augustus 2023 omstreeks 13.00 uur gestart met het onderzoek in de smartphone.
Het betreft een Apple iPhone 14, wit van kleur voorzien van de IOS versie 16.6.
In de app Foto's van de iPhone staan 845 foto's en 105 video's in diverse albums. In deze app zijn standaard twee mappen, te weten de map "Recent verwijderd" en de map "Verborgen" aangemaakt. In de map "Verborgen" kun je afbeeldingen of video's zetten die niet direct zichtbaar zijn. Hiervoor moet je een aantal handelingen uitvoeren. Allereerst moet je de betreffende afbeelding of video selecteren, vervolgens moet je in het menu kiezen voor "verberg". Door gebruik te maken van de door de verdachte vertelde toegangscode heb ik toegang gekregen tot deze mappen. In de map "Verborgen" trof ik, verbalisant meerdere afbeeldingen en video's aan.
Goednummer: PL2300-2023095573-1630845
Categorie omschrijving: Geluid en beeldapp/drager
Object: Communicatieap (Telefoon)
Kleur: Wit
In bijlage I bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal heeft de politie het navolgende overzicht gevoegd, zakelijk weergegeven [10] :
Kinderporno
Gegevensdrager Foto’s Video’s
1630845_iPhone Wit 77 6
1631226_Desktop Zwart 6 0
1631228_Samsung HDD 55 0
Totaal 138 6
Over de aangetroffen aantallen op de iPhone (goednummer 1630845) heeft de politie in een aanvullend proces-verbaal gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Vanuit het onderzoeksteam zijn afbeeldingen her-beoordeeld waardoor de aantallen in proces­verbaal LBRBC23089-1 niet meer overeenkwamen met het beschrijving-PV. Ik deed daarom onderzoek in Griffeye naar de onderstaande gegevensdrager.
GEGEVENSDRAGER: goed, Smartphone
Inbeslagname nummer: 1630845
Merk en type: iPhone Wit
Op deze gegevensdrager werden, binnen Griffeye, 83 afbeeldingen geclassificeerd als zijnde kinderpornografische afbeeldingen. Van 7 afbeeldingen, geclassificeerd als kinderpornografisch kon niet worden vastgesteld wanneer ze op de gegevensdragers waren opgeslagen. Van de bestanden waarvan kon worden achterhaald wanneer zij op de onderzochte gegevensdrager waren opgeslagen, bleek het onderstaande:
76 afbeeldingen, geclassificeerd als kinderpornografisch waren tussen 1 april 2023 en 24 juli 2023 op de onderzochte gegevensdrager opgeslagen.
De politie heeft over het aangetroffen kinderpornografisch materiaal als volgt gerelateerd, zakelijk weergegeven [11] :
Vastgesteld dat in de aan mij overgedragen bestanden in totaal 144 afbeeldingen voorkwamen die volgens bovengenoemde criteria kinderpornografisch zijn.
Het betreffen 138 foto’s en 6 video’s.
Bijlage II (
de rechtbank verstaat: bijlage I) geeft een overzicht van de aantallen aangetroffen kinderpornografische foto’s en video’s per in beslag genomen onderzochte gegevensdrager.
Uit de afbeeldingen (foto's en video’s) verwerkt in bijgevoegde collectiescan (bijlage I) (
de rechtbank verstaat: bijlage II), zijnde een inhoudelijke beoordeling van het aangetroffen kinderpornografische materiaal, heb ik een representatieve doorsnede samengesteld.
11 afbeeldingen zijn benaderbaar (iPhone).
Foto 1
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren. Op de foto is een close-up van een vagina van een jong meisje, pre puberaal, te zien welke in het water ligt. Door het camerastandpunt, van boven, is nadrukkelijk de blote vagina van dit meisje in beeld gebracht waarbij de afbeelding een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.
Foto 2
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren door een pre-puberaal minderjarig meisje met nadruk op haar blote borsten en vagina, haar hoofd is net niet te zien. Een meisje in de leeftijd tussen de 8-12 jaar met lichte borstvorming ligt naakt en maakt ogenschijnlijk zelf de foto. Door het camerastandpunt is nadrukkelijk de blote vagina en borsten van dit meisje in beeld gebracht waarbij de afbeelding een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.
Foto 3
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren door een pre-puberaal minderjarig meisje tussen 6-10 jaar oud met nadruk op haar blote borsten en vagina. Het meisje is geheel naakt en heeft een versiering op haar hoofd en stickers/verfschildering net boven haar borsten.
Foto 4
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren. Close-up foto van de vagina van een minderjarig meisje. De broek van het meisje is tot op haar knieën naar beneden en is nog deels te zien op de foto. Door het camerastandpunt is nadrukkelijk de blote vagina van dit meisje in beeld gebracht waarbij de afbeelding een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.
Foto 5
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren door een prepuberaal meisje in de leeftijd tussen de 7-11 jaar met de nadruk van haar borsten en haar vagina. Het meisje staat geheel naakt voor een bankje. Ze kijkt in de camera. Ze heeft duivelsoortjes op haar hoofd en een duivelsdrietand stafje vast.
Foto 6
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren Close- up foto van de vagina een jong meisje. Op de foto zijn alleen een klein deel van de bovenbenen te zien en haar vagina. Door het camerastandpunt, bovenzijde, is nadrukkelijk de blote vagina van dit meisje in beeld gebracht waarbij de afbeelding een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
Foto 7
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren Een meisje in de leeftijd tussen de 7 en 11 jaar ligt met haar rug op het gras. Ze heeft haar rechter been opgetrokken en haar benen licht gespreid waardoor haar vagina te zien is. De foto is genomen vanaf de voorzijde, haar onderbenen zijn niet te zien. Op haar borsten /tepels zijn rode hartjes geverfd en op haar buik is een rode pijl omhoog geverfd. Naast haar, zowel aan haar linker- en haar rechterzijde is een deel van een meisje zichtbaar. Het meisje aan de linkerzijde heeft een verfkwastje vast. Door het camerastandpunt is nadrukkelijk de blote vagina van dit meisje in beeld gebracht
Foto 8
Gegevensdrager: 1630845Jphone Wit
Poseren. Op deze afbeelding zijn 2 naakte meisjes te zien, alleen hun onderbenen zijn niet te zien. Deze meisjes zijn geknipt uit de voorpagina met meerdere foto’s van een nudisten promotie De meisjes staan naast elkaar, met hun armen naast hun lichaam. De nadruk van deze foto is gelegd op de naakte lijven van de meisjes.
Video 9
Gegevensdrager: 1630845Jphone Wit
Ontuchtige handeling. Een minderjarig meisje, leeftijd tussen de 12 en de 14 haar oud kleed zich geheel uit en gaat met haar benen wijd voor de camera op de grond zitten/ liggen. Een deel van haar bovenbenen, haar vagina, haar buik, haar borsten en haar gezicht zijn te zien. Zij trekt met beide handen haar vagina iets uit elkaar waarna zij met haar rechter wijsvinger haar vagina penetreert. Deze video heeft audio, er zijn alleen achtergrond geluiden te horen (waarschijnlijk een wasmachine). Deze videduurt 57 seconden.
Foto 10
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Ontuchtige handelingen. Een minderjarig meisje, leeftijd tussen de 6 en 9 jaar, ze zit met haar benen wijd voor de camera op de grond. Een deel van haar bovenbenen, haar vagina, haar buik, haar borsten en haar gezicht zijn te zien. Zij trekt met beide handen haar vagina uit elkaar. Ze betast haar eigen vagina . Deze video heeft audio. Het meisje fluistert: “please pis alsjeblieft’’, “ (onverstaanbaar) “ik liet een scheetje”. Deze video duurt 30 seconden
Foto 11
Gegevensdrager: 1630845_lphone Wit
Poseren. Op de afbeelding is een meisje te zien in de leeftijd tussen de 8 en 12 jaar welke geheel naakt gehurkt op de grond zit met haar benen iets gespreid. Het meisje kijkt naar een vuurwerksterretje welke zij vast heeft in haar hand. De foto is van de voorzijde genomen waardoor haar vagina duidelijk zichtbaar is.
De verdachte heeft bij de politie op 7 december 2023 een verklaring afgelegd. Hij heeft daarbij verklaard, zakelijk weergegeven [12] :
O: In een eerder onderzoek, voorzien van het BVH-nummer: 2023095573, waarin jij reeds tweemaal als verdachte bent gehoord, zijn ook drie gegevensdragers onder jou inbeslaggenomen, zijnde: een witte i-Phone, een zwarte desktop en een Samsung HDD.
V: Wie heeft deze gegevensdragers in gebruik gehad?
A: De i-Phone, ik zelf omdat die van mij is.
Bewijsoverwegingen inzake feit 2
De rechtbank overweegt dat uit de bewijsmiddelen volgt dat op 17 augustus 2023 op de iPhone van de verdachte in totaal 83 kinderpornografische afbeeldingen (te weten: 77 foto’s en 6 video’s) zijn aangetroffen. Deze afbeeldingen zijn daar in de periode van 1 april 2023 tot en met 24 juli 2023 op geplaatst. Op twee andere gegevensdragers van de verdachte zijn eveneens kinderpornografische afbeeldingen aangetroffen, maar deze waren niet langer benaderbaar op het moment van inbeslagname. Evenmin is gebleken dat deze afbeeldingen gedurende de tenlastegelegde periode voor de verdachte benaderbaar waren. Ten aanzien van deze gegevensdragers zal de verdachte partieel worden vrijgesproken.
Ten aanzien van de iPhone heeft de verdachte verklaard dat deze van hem is en bij hem in gebruik was. De verdachte heeft geen verklaring gegeven voor de aangetroffen kinderpornografische afbeeldingen op zijn telefoon.
Gelet op het bewijsoverzicht acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte tussen 1 april 2023 en 17 augustus 2023 op zijn iPhone de in de bewezenverklaring omschreven foto’s en video’s in zijn bezit heeft gehad. Voor de overige verweten gedragingen (verspreiden, aanbieden, openlijk tentoonstellen, vervaardigen, invoeren, doorvoeren, uitvoeren, verwerven, en/of zich daartoe door middel de toegang verschaffen) tis geen wettig en overtuigend bewijs, om welke reden de rechtbank de verdachte van deze gedragingen partieel zal vrijspreken.
3.4
De bewezenverklaring
De rechtbank acht bewezen dat de verdachte
feit 1:
op 8 september 2023 in de gemeente Landgraaf, meermalen, met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het meermalen
- brengen van zijn, verdachtes, hand en/of vingers tussen de benen en op de broek van die [slachtoffer] en/
- aanraken van en/of drukken op de vagina van die [slachtoffer] .
feit 2:
op één of meer tijdstippen in de periode van 1 april 2023 tot en met 17 augustus 2023 in de gemeente Landgraaf, meermalen, afbeeldingen, te weten foto’s en/of video's – en een gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, te weten een telefoon (Apple iPhone wit) -
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit heeft gehad
welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
het met een vinger vaginaal penetreren van het eigen lichaam door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(video 9, p. 407 en 417 pv)
en
het met (een) vinger(s)/hand betasten van het eigen geslachtsdeel door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(video 10, p. 407, 417 en 418 pv)
en
het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of poseert in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past
en/of door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's /films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of de borsten van deze persoon in beeld gebracht worden, waarbij de afbeelding telkens een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
(foto 1, pagina406 en 414 van het proces verbaal en
foto 2, pagina 406 en 414 van het proces verbaal en
foto 3, pagina406 en 415 van het proces verbaal en
foto 4, pagina 406, 407 en 415 van het proces verbaal en
foto 5, pagina407, 415 en 416 van het proces verbaal en
foto 6, pagina 407 en 416 van het proces verbaal en
foto 7, pagina 407en 416 van het proces verbaal en
foto 8, pagina 407en 417 van het proces verbaal en
foto 11, pagina. 407 en 418 van het proces verbaal).
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:
feit 1:
met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd.
feit 2:
een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is
betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd
en
een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5.De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6.De straffen

6.1
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Aan deze proeftijd dienen de door de reclassering in haar advies van 24 december 2025 geformuleerde bijzondere voorwaarden te worden verbonden, inhoudende: een meldplicht, een ambulante behandeling, het vermijden van contact met minderjarigen en het vermijden van digitale omgevingen inzake seksueel kindermisbruik. De officier van justitie heeft gevorderd om deze bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren op grond van artikel 14e Sr. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd om aan de verdachte op te leggen een beroepsverbod op grond van artikel 28 Sr, inhoudende dat de verdachte gedurende 3 jaren geen werk, betaald of onbetaald, met kwetsbare doelgroepen – waaronder ook verstaan wordt: minderjarigen – mag verrichten. De officier van justitie heeft bij de formulering van deze strafeis acht geslagen op de ernst van de feiten en op de zorgen omtrent de persoon van de verdachte, mede gelet op het procesdossier en de daaruit voortvloeiende zorgen voor de veiligheid van minderjarigen, nu de verdachte werkzaam is als taxichauffeur voor onder andere kwetsbare minderjarigen en als scheidsrechter optreedt bij voetbalwedstrijden voor jeugdigen.
6.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft zich, uitgaande van bewezenverklaring van uitsluitend feit 2, gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ter zake van de straftoemeting. Wel heeft de raadsman verzocht om bij de straftoemeting acht te slaan op het feit dat de verdachte een ‘first offender’ is, hij relatief weinig kinderpornografische afbeeldingen voor relatief korte duur in zijn bezit had en op de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Ten slotte heeft de raadsman erop gewezen dat de redelijke termijn op grond van artikel 6 EVRM is overschreden.
6.3
Het oordeel van de rechtbank
Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.
De verdachte heeft bij de destijds 11-jarige [slachtoffer] ontuchtige handelingen verricht. [slachtoffer] was op dat ogenblik, samen met haar broertje bij haar vaste oppas om voetbal te kijken, terwijl de verdachte daar ook te gast aanwezig was. Tijdens een verstopspelletje heeft de verdachte [slachtoffer] onzedelijk betast. De rechtbank rekent het de verdachte aan dat hij met zijn handelen de lichamelijk integriteit van [slachtoffer] heeft geschonden. Naar algemene ervaringsregels kan dergelijk misbruik grote en langdurige (psychische) gevolgen veroorzaken, voor zowel slachtoffers, als ook voor hun omgeving, zoals de rechtbank ook is gebleken uit de onderbouwing van de vordering van [slachtoffer] en de ter zitting namens de ouders van [slachtoffer] voorgedragen slachtofferverklaring.
Daarnaast heeft de verdachte kinderporno in zijn bezit gehad. In totaal zijn op de telefoon van de verdachte 144 kinderpornografische afbeeldingen (138 foto’s en 6 video’s) aangetroffen. De verdachte heeft deze afbeeldingen verzameld gedurende een periode van ongeveer 4,5 maand. De rechtbank slaat er ook acht op dat er kinderpornografisch materiaal is aangetroffen op beide computers van de verdachte, hoewel dit tijdens de bewezenverklaarde periode niet langer benaderbaar was voor de verdachte. Bij de vervaardiging van kinderporno worden kinderen seksueel misbruikt en geëxploiteerd. Door het verwerven en het bezit van kinderporno houdt de verdachte deze markt in stand. Het is een feit van algemene bekendheid dat kinderen die hier het slachtoffer van zijn, psychologische schade oplopen die zij jaren later en soms zelfs hun hele leven nog met zich meedragen en dat beelden op internet niet zomaar verdwijnen, zodat het misbruik in feite onbeperkt doorgaat. Voor een effectieve bestrijding van de vervaardiging van dit soort porno is het noodzakelijk niet alleen degenen aan te pakken die het vervaardigen, maar ook degenen die het verzamelen, zoals in onderhavige zaak van de verdachte. De door verdachte gepleegde strafbare feiten zijn dan ook zeer ernstig.
De rechtbank heeft acht geslagen op de Landelijke Oriëntatiepunten voor Straftoemeting en op de straftoemeting in vergelijkbare zaken. De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de ernst van de feiten, de oplegging van een gevangenisstraf van 12 maanden geboden is.
De verdachte is niet eerder veroordeeld, ook niet voor zedenfeiten, en heeft daarom te gelden als een zogeheten ‘first offender’. Desondanks deelt de rechtbank de zorgen die de reclassering in haar advies van 24 december 2025 heeft geformuleerd over de persoon van de verdachte, gelet op de signalen uit het procesdossier van grensoverschrijdend gedrag en diens sociaal wenselijke houding aangaande mededelingen over zijn seksualiteit. Uit het reclasseringsadvies volgt ook dat de leefgebieden van de verdachte na zijn aanhouding instabieler zijn geworden: zijn partner heeft hem verlaten, wegens het ontbreken van een VOG kan hij niet meer werken als taxichauffeur voor een kwetsbare doelgroep of als scheids- c.q. grensrechter optreden bij voetbalwedstrijden en hij heeft schulden gemaakt. Daarnaast heeft de reclassering gesignaleerd dat de verdachte zich graag in een omgeving lijkt te begeven waarin zich kwetsbaren bevinden. De reclassering acht het van belang dat de verdachte onder meer een behandeling zal ondergaan waarin hij meewerkt aan verder onderzoek naar risicofactoren en de behandeling daarvan.
Gelet op het reclasseringsadvies ziet de rechtbank aanleiding een deel van de op te leggen gevangenisstraf in voorwaardelijke zin op te leggen, met daaraan verbonden de door de reclassering in haar advies geformuleerde bijzondere voorwaarden. Het voorwaardelijk strafdeel dient daarbij als forse stok achter de deur om de verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. De rechtbank zal de daaraan te verbinden proeftijd daarbij stellen op drie jaren. De rechtbank acht deze termijn geboden vanwege de aard van de onderhavige delicten en de mogelijke duur van de ambulante behandeling van de verdachte.
Ten slotte overweegt de rechtbank dat, nu de verdachte op 7 december 2023 is aangehouden en dit vonnis 25 maanden later wordt gewezen, de redelijke termijn van twee jaren met 1,5 maand is overschreden. Vanwege deze geringe overschrijding zal de rechtbank volstaan met de enkele constatering van de schending van de redelijke termijn zoals bepaald in artikel 6, van het EVRM.
Alles overwegende zal de rechtbank aan de verdachte opleggen een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Aan deze proeftijd zal de rechtbank de door de reclassering in haar advies voornoemd geformuleerde bijzondere voorwaarden opleggen, inhoudende: een meldplicht, een ambulante behandeling, het vermijden van contact met minderjarigen en het vermijden van digitale omgevingen inzake seksueel misbruik.
Dadelijke uitvoerbaarheid
De rechtbank ziet aanleiding om genoemde bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren conform het bepaalde in artikel 14e Sr. Gelet op de aard van de door de verdachte gepleegde feiten, beiden minderjarigen betreffend en gedurende een periode van maanden gepleegd, houdt de rechtbank er ernstig rekening mee dat de verdachte opnieuw een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
Beroepsverbod
Naast de gevangenisstraf acht de rechtbank ook een beroepsverbod passend. Het is van groot maatschappelijk belang dat wordt uitgedragen dat de verdachte, gelet op de door hem gepleegde feiten, zijn bezigheden als scheids- c.q. grensrechter dan wel zijn beroep als taxichauffeur voor kwetsbare groepen niet langer mag uitoefenen, dan wel uit hoofde van enige andere functie werkzaam is met minderjarigen. De rechtbank legt daarom conform artikel 28 lid 1 sub 5 Sr aan de verdachte een verbod op om gedurende een periode van 3 jaar werk te verrichten, betaald of onbetaald, met kwetsbare doelgroepen (waaronder ook verstaan wordt: minderjarigen).

7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel

7.1
De vordering van de benadeelde partij
De benadeelde partij vordert schadevergoeding tot een bedrag van 2.521,82 euro ter zake van feit 1. Deze vordering is opgebouwd uit de navolgende posten:
verlofdagen: 108,96 euro
reiskosten: 77,86 euro
immateriële schade: 2.335,00 euro
De benadeelde heeft verzocht om vermeerdering van het toe te wijzen bedrag met de wettelijke rente en om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
7.2
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft geconcludeerd tot volledige toewijzing van de vordering, onder vermeerdering van de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
7.3
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft de afwijzing dan wel niet-ontvankelijkverklaring van de vordering aangevoerd, gelet op de bepleite vrijspraak ter zake van feit 1.
7.4
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is, mede gelet op artikel 6:96 van het Burgerlijk Wetboek, voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het onder feit 1 bewezen verklaarde feit rechtstreeks schade heeft geleden tot het bedrag zoals gevorderd.
De vordering is door de verdediging niet weersproken. Nu de vordering de rechtbank ook niet onredelijk of ongegrond voorkomt, acht de rechtbank de vordering volledig toewijsbaar tot het gevorderde bedrag van 2.521,81 euro, te vermeerderen met de wettelijke rente.
De rechtbank ziet verder aanleiding om de schadevergoedingsmaatregel op grond van artikel 36f, Sr op te leggen.

8.Het beslag

Uit het procesdossier volgt dat onder de verdachte een drietal gegevensdragers zijn inbeslaggenomen (met goednummers G130845, G130845 en G1631226). De verdachte heeft geen afstand gedaan van deze gegevensdragers. Nu op deze gegevensdragers kinderpornografisch materiaal is aangetroffen, zijn dit voorwerpen met betrekking tot welke feit 2 is begaan. De rechtbank zal deze voorwerpen om die reden onttrekken aan het verkeer.
De inbeslaggenomen kledingstukken (met goednummers G1639227 en G1639230) dienen te worden teruggeven aan de als rechthebbende aan te merken persoon, zijnde [slachtoffer] .

9.De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 28, 31, 36b, 36c, 36f, 57, 240b en 247,Sr, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

10.De beslissing

De rechtbank:
Bewezenverklaring
  • verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder
  • spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
Strafbaarheid
  • verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder
  • verklaart de verdachte strafbaar;
Straffen
  • veroordeelt de verdachte voor de feiten 1 en 2 tot een
  • bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een proeftijd van 3 jaren zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
  • stelt de volgende
dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt de veroordeelde zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan bij Reclassering Nederland op het adres Heerderweg 25, 6224 LA Maastricht;
dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd laat behandelen door Rooyse Wissel Ambulant Behandelen of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De behandeling start zodra mogelijk. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op psychische problematiek, cognitieve vaardigheden, sociale vaardigheden, seksueel grensoverschrijdend gedrag, schuldenproblematiek, woonoverlast en/of andere problematiek. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat de veroordeelde voorgeschreven medicatie zal gebruiken;
dat de veroordeelde op geen enkele wijze contact zoekt met minderjarigen. Hij vermijdt deze contacten zoveel mogelijk. Als contacten onvermijdelijk zijn, zorgt betrokkene dat CAB&B of jeugdbeschermingsinstanties hierbij aanwezig zijn;
at de veroordeelde gedurende de proeftijd:
1. digitale omgevingen vermijdt waarin hij in aanraking kan komen met kinderpornografisch materiaal;
2. digitale omgevingen vermijdt waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;
games met chatfunctie, die specifiek ontwikkeld zijn voor minderjarigen vermijdt;
3. geen gebruik maakt van virtuele machines, versleutelprogramma’s (zoals Bitlocker, Veracrypt) of applicaties die helpen de identiteit te verbergen (zoals een VPN), tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik (zoals voor werk of voor bankzaken);
4. inzicht geeft in de wijze waarop hij de omgevingen genoemd onder 1. en 2. zal vermijden en bespreekt hoe dit verlopen is voor het verstreken deel van de proeftijd.
Het toezicht op de naleving van de onderdelen 1. tot en met 3. beperkt zich tot geautomatiseerde controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die de veroordeelde in gebruik heeft.
De veroordeelde werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die betrokkene in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past de veroordeelde de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet. De controles worden uitgevoerd door de reclassering. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar meenemen.
De controles mogen gedurende de proeftijd maximaal (circa) drie keer per aantal jaren proeftijd.
  • geeft aan de reclassering de
  • voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:
ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, Sr, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- beveelt dat de gestelde voorwaarden, alsmede het door de reclassering uit te oefenen toezicht,
dadelijk uitvoerbaarzijn;
-
ontzetde verdachte ten aanzien van de feiten 1 en 2
uit het recht tot uitoefening van enig beroep, betaald of onbezoldigd, met kwetsbare doelgroepen (waaronder ook wordt verstaan: minderjarigen)gedurende een periode van
3 jaar.
Benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
  • wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij ten aanzien van feit 1 toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij,
  • veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op
- legt ten aanzien van fieit 1 aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer] , van een bedrag van
2.521,82 euro. Voormeld bedrag bestaat uit 186,82 euro materiële schade en 2.335,00 euro immateriële schade. De vergoeding van materiële en immateriële schade wordt vermeerderd met de
wettelijke rentevanaf 8 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening.
Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt
gijzelingkan worden toegepast voor de duur van
25 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
- De verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voorzover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
Beslag
-
onttrekt aan het verkeerde volgende in beslag genomen voorwerpen:
  • 1 STK Telefoontoestel (G130845);
  • 1 STK Computer (G1631226);
  • 1 STK Computer (G1631228);
-
gelast de teruggavevan de volgende in beslag genomen voorwerpen:
  • 1 STK Broek (G1639227);
  • 1 STK Ondergoed (G1639230);
aan de redelijkerwijs als rechthebbende aan te merken persoon:
[slachtoffer].
Dit vonnis is gewezen door mr. R.C.A.M. Philippart, voorzitter, mr. R.A.M.M. Gijselaers en mr. dr. W. Kieboom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.K. Bakker, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 januari 2026.
Buiten staat
mr. dr. W. Kieboom en mr. I.K. Bakker zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
T.a.v. feit 1:
hij
op of omstreeks 8 september 2023 in de gemeente Landgraaf, in elk geval in Nederland,
meermalen, althans eenmaal, (telkens)
met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] , die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt,
buiten echt,
een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, te weten het meermalen, althans eenmaal, (telkens)
- brengen en/of plaatsen van zijn, verdachtes, hand en/of vinger(s) tussen de benen en/of op en/of in de broek en/of op de onderbroek van die [slachtoffer] en/of
- aanraken en/of betasten van en/of wrijven over en/of drukken op de vagina en/of het kruis en/of de schaamstreek van die [slachtoffer] ;
T.a.v. feit 2:
hij
op één of meer tijdstip(pen)
in of omstreeks de periode van 1 april 2023 tot en met 17 augustus 2023 in de gemeente Landgraaf, in elk geval in Nederland,
meermalen, althans eenmaal, (telkens)
afbeeldingen, te weten foto’s en/of video's en/of films - en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, te weten een telefoon (Apple iPhone wit) en/of een computer (zwarte desktop) en/of een HDD (Samsung) -
van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,
heeft verspreid, aangeboden, openlijk tentoongesteld, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd, verworven, in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft
welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:
het met (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het eigen lichaam door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(video 9, p. 407 en 417 pv)
en/of
het met (een) vinger(s)/hand en/of (een) voorwerp(en) betasten en/of aanraken van het eigen geslachtsdeel, de eigen anus, de eigen billen en/of borsten door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt
(video 10, p. 407, 417 en 418 pv)
en/of
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met (een) voorwerp(en) en/of in een erotisch getinte houding
(op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen
en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet
en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's /film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van deze persoon in beeld gebracht worden,
(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling
(foto 1, p. 406 en 414 pv en/of
foto 2, p. 406 en 414 pv en/of
foto 3, p. 406 en 415 pv en.of
foto 4, p. 406, 407 en 415 pv en/of
foto 5, p. 407, 415 en 416 pv en/of
foto 6, p. 407 en 416 pv en/of
foto 7, p. 407en 416 pv en/of
foto 8, p. 407en 417 pv en/of
foto 11, p. 407 en 418 pv);

Voetnoten

1.Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, Team Zeden, BHV-nummers 2023095573 (zaak 1), 2023143690 (zaak 2) en 2023197652 (zaak 3), gesloten d.d. 6 juni 2024, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 443.
2.Proces-verbaal van bevindingen informatief gesprek zeden d.d. 12 september 2023, pg. 137 t/m 139.
3.Proces-verbaal van aangifte door [naam 3] d.d. 15 september 2023, pg. 141 t/m 147.
4.Proces-verbaal van verhoor getuige [naam 10] d.d. 1 november 2023, pg. 158 t/m 161.
5.Procs-verbaal van bevindingen d.d. 26 september 2023, pg. 165 t/m 167.
6.Losbladig verslag verbatim studioverhoor [slachtoffer] d.d. 16 september 202, zonder doornummering, pg 1 t/m 21.
7.Proces-verbaal van verhoor getuige [naam 2] d.d. 14 september 2023, pg. 149 t/m 156.
8.Proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 mei 2024, pg. 205 en 244.
9.Proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 augustus 2023, pg. 95 t/m 98.
10.Bijlage I bij proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal d.d. 1 augustus 2024, ‘Overzicht aantallen kinderpornografische afbeeldingen en foto’s’, pg. 410.
11.Proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal d.d. 1 augustus 2024, pg. 403 t/m 409.
12.Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 7 december 2023, pg. 354 t/m 362.