Uitspraak
1.De procedure
- de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord
- de conclusie van repliek.
Rechtbank Limburg
De zaak betreft een geschil tussen een verhuurder en huurder van drie garageboxen, waarbij de huurder een aanzienlijke huurachterstand heeft opgebouwd. De verhuurder vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde, betaling van de huurachterstand inclusief buitengerechtelijke kosten en een maandelijkse gebruiksvergoeding tot ontruiming.
De huurder erkent de huurachterstand maar stelt dat een budgetbeheerder namens hem een regeling zou treffen, wat niet is gebeurd. Hij is bereid tot een regeling en ontruiming mits een redelijke termijn wordt gegeven. De kantonrechter oordeelt dat de huurovereenkomst niet met een consument is gesloten en dat de huurachterstand ernstig genoeg is om ontbinding te rechtvaardigen.
De kantonrechter wijst de ontbinding toe, veroordeelt de huurder tot ontruiming binnen veertien dagen na betekening van het vonnis en tot betaling van een huurachterstand van €8.838,59 met wettelijke rente, plus een maandelijkse gebruiksvergoeding van €380,03 vanaf juni 2026 tot ontruiming. Tevens worden de proceskosten aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens huurachterstand en de huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen en betaling van achterstallige huur met rente en gebruiksvergoeding.