Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de mondelinge behandeling van 15 januari 2026.
Rechtbank Limburg
De Stichting Woonwenz vordert betaling van schadevergoeding van de huurder voor de kosten van het vervangen van een vernielde voordeur bij de buren, veroorzaakt door de ex-partner van de huurder. De huurder betwist de aansprakelijkheid en voert aan dat zij niet verantwoordelijk is voor de schade.
De kantonrechter stelt vast dat de dagvaarding geen concrete grondslag voor de vordering bevat en dat Woonwenz niet heeft aangegeven welk beding uit de algemene huurvoorwaarden of welk wetsartikel is geschonden. Tevens zijn de stellingen over eerdere overlast door de ex-partner niet onderbouwd met bewijs.
De rechter overweegt dat de huurder volgens de wet aansprakelijk kan zijn voor schade veroorzaakt door derden die in haar woning verblijven, maar alleen als de schade aan het gehuurde zelf is toegebracht. In deze zaak betreft de schade echter het gehuurde van de buren, waardoor de huurder niet aansprakelijk is.
De vorderingen van Woonwenz worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten. Omdat de huurder op basis van een toevoeging heeft geprocedeerd, worden de betekeningskosten niet aan Woonwenz opgelegd. De proceskosten worden vastgesteld op € 864,00.
Uitkomst: De vordering van Woonwenz wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.