ECLI:NL:RBLIM:2026:6898

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
15 juli 2026
Publicatiedatum
13 juli 2026
Zaaknummer
K/4701/11975693
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
  • Bisscheroux
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:44 BWArt. 6:228 BWArt. 6:193b BWArt. 6:193j BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vernietiging koopovereenkomst wegens bedrog en dwaling bij gereedschapsverkoop

IJzerwaren Midden Nederland heeft op 26 augustus 2025 diverse gereedschappen verkocht aan koper, waarbij afspraken over geen retour, wel garantie en betalingstermijn zijn vastgelegd.

Koper stelde dat de overeenkomst vernietigbaar is wegens bedrog en dwaling, omdat IJzerwaren Midden Nederland onjuiste informatie zou hebben verstrekt over de herkomst en kwaliteit van de producten, waaronder de bewering officiële dealer te zijn van A-merken zoals Makita.

De rechtbank oordeelt dat koper onvoldoende heeft onderbouwd dat er sprake is van bedrog. Aanprijzingen in algemene bewoordingen, ook al zijn ze onwaar, leveren geen bedrog op. Ook het beroep op dwaling faalt omdat koper voorafgaand aan de koop voldoende gelegenheid had om onderzoek te doen.

De vordering van IJzerwaren Midden Nederland tot betaling van de koopprijs, rente en incassokosten wordt toegewezen. Koper wordt veroordeeld in de proceskosten. De vorderingen van koper tot vernietiging van de overeenkomst worden afgewezen.

Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op vernietiging wegens bedrog en dwaling af en veroordeelt koper tot betaling van de koopprijs, rente en kosten.

Uitspraak

RECHTBANKLIMBURG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats [plaats]
Zaaknummer: 11975693 \ CV EXPL 25-4807
Vonnis van 15 juli 2026
in de zaak van
IJzerwaren Midden Nederland B.V.,
te Utrecht,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: IJzerwaren Midden Nederland,
gemachtigde: mr. W. Kroneman,
tegen
[koper] h.o.d.n. [bedrijf],
te [plaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [koper] ,
gemachtigde: mr. M.W.M. van Doorn.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie
- de conclusie van antwoord in reconventie
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de pleitnota van mr. W. Kroneman
- de mondelinge behandeling van 19 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Op of omstreeks 26 augustus 2025 heeft IJzerwaren Midden Nederland diverse gereedschappen verkocht aan [koper] . Dat is als volgt gebeurt.
2.1.1.
IJzerwaren Midden Nederland heeft [koper] telefonisch benaderd en aangedrongen op een afspraak, waarbij interessante aanbiedingen werden aangeboden in verband met een grote opruiming.
2.1.2.
De afspraak vond plaats op of omstreeks 26 augustus 2025 in de jachthaven in Wessem. De gereedschappen werden vanuit het bedrijfsbusje van IJzerwaren Midden Nederland aangeboden en verkocht. [koper] heeft de gekochte gereedschappen meteen meegenomen. Hij heeft ter plaatse een bewijs van afgifte ondertekend en daarvan een foto aan IJzerwaren Midden Nederland gestuurd. Op dit bewijs van afgifte stond handgeschreven vermeld welke gereedschappen door [koper] waren gekocht, de prijs en ook aanvullende afspraken zoals: geen retour, wel garantie en betalingstermijn binnen zes maanden
2.1.3.
Op 26 augustus 2025 heeft IJzerwaren Midden Nederland een factuur gestuurd aan [koper] ter hoogte van € 9.075,00 inclusief btw. De gedetailleerde factuur bevat naast de omschreven gekochte gereedschappen ook de aanvullende afspraken zoals: geen retour, wel garantie en betalingstermijn binnen 6 maanden.
2.2.
Per whatsappbericht van 27 augustus 2025 heeft [koper] aan IJzerwaren Midden Nederland medegedeeld dat hij de factuur niet kan betalen en gevraagd of de spullen opgehaald kunnen worden of naar het magazijn gebracht kunnen worden, waarop IJzeren Midden Nederland heeft gereageerd dat retourneren niet mogelijk is.
2.3.
Bij brief van 17 september 2025 heeft de gemachtigde de heer van Doorn, onder meer, geschreven dat [koper] de overeenkomst buitengerechtelijk vernietigt wegens dwaling dan wel bedrog.

3.Het geschil

in conventie
3.1.
IJzerwaren Midden Nederland vordert veroordeling van [koper] tot betaling van
€ 10.014,64 (bestaande uit: de hoofdsom van € 9.075,00, de vervallen rente van € 110,89 en de buitengerechtelijke incassokosten van € 828,75), vermeerderd met rente en kosten.
3.2.
[koper] concludeert tot niet-ontvankelijkheid dan wel tot afwijzing van de vorderingen in conventie.
3.3.
Op de stellingen en verweren van partijen zal hierna, voor zover nodig, nader worden ingegaan.
in reconventie
3.4.
[koper] vordert in reconventie om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, te verklaren voor recht dat de tussen partijen gesloten koopovereenkomst van 26 augustus 2025 per
17 september 2025 buitenrechtelijk is vernietigd op grond van bedrog dan wel dwaling, dan wel de koopovereenkomst te vernietigen op grond van bedrog dan wel dwaling en veroordeling in de kosten van deze procedure
3.5.
Het verweer van IJzerwaren Midden Nederland strekt tot niet-ontvankelijkheid dan wel afwijzing van de vorderingen van [koper] , met veroordeling bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren van [koper] in de kosten van deze procedure.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

in conventie en in reconventie
4.1.
Vanwege de nauwe samenhang tussen de vorderingen in conventie en in reconventie zullen deze hierna gezamenlijk worden behandeld.
4.2.
[koper] heeft gevorderd om de koopovereenkomst tussen hem en IJzerwaren Midden Nederland te vernietigen op grond van bedrog en dwaling. Ter zake wordt het volgende overwogen.
Bedrog?
4.3.
Op grond van artikel 3:44 lid 1 BW Pro is een rechtshandeling onder meer vernietigbaar, wanneer zij door bedrog tot stand is gekomen. Bedrog is aanwezig, wanneer iemand een ander tot het verrichten van een bepaalde rechtshandeling beweegt door enige opzettelijk daartoe gedane onjuiste mededeling, door het opzettelijk daartoe verzwijgen van enig feit dat de verzwijger verplicht was mede te delen, of door een andere kunstgreep. Aanprijzingen in algemene bewoordingen, ook al zijn ze onwaar, leveren op zichzelf geen bedrog op (artikel 3:44 lid 3 BW Pro).
4.4.
Primair beroept [koper] zich op bedrog en stelt dat IJzerwaren Midden Nederland
onjuiste mededelingen heeft gedaan over de geleverde zaken en cruciale informatie heeft verzwegen over de herkomst van de producten en alle daarmee samenhangende zaken. Ter onderbouwing hiervan voert [koper] het volgende aan.
4.5.
IJzerwaren Midden Nederland liet aan [koper] onder meer weten dat alles weg moest en dat alle aangeboden gereedschappen van A-kwaliteit topmerken zijn, waaronder de Makita gereedschappen. Ook zou IJzerwaren Midden Nederland [koper] hebben voorgehouden dat zij een officiële dealer van Makita gereedschappen zou zijn. Daarnaast bood IJzerwaren Midden Nederland [koper] alles gratis aan mits hij een grote werkbank/gereedschapswagen van het A-merk Maximum Work King (hierna: MWK) zou aanschaffen. Volgens [koper] oefende IJzerwaren Midden Nederland vrij dwingend druk op hem uit om de verkoop tot stand te brengen, waarbij steeds meer korting en gratis producten, zoals kleinere werkbanken, werden aangeboden.
4.6.
Na aankoop werd [koper] door derden erop gewezen dat de aangekochte gereedschappen goedkoop en van slechte kwaliteit waren en dat de werkbank online voor een fractie van de prijs werd aangeboden. [koper] heeft daarop nader onderzoek gedaan. Hij vond online veel informatie over de praktijken van IJzerwaren Midden Nederland en dat er veel gedupeerden waren. Daarnaast stelt Makita Nederland dat IJzerwaren Midden Nederland niet bekend is als dealer van haar producten.
4.7.
[koper] heeft vervolgens zijn onderzoek uitgebreid naar de merken Sauber Germany (hierna: SG) en MWK, die volgens IJzerwaren Midden Nederland A-merken zouden zijn. Uit het onderzoek bleek volgens [koper] dat deze geen A-merken waren en ook niet zijn ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. Hoewel beide merken hetzelfde Duitse adres gebruiken, kent de beheerder van het pand deze merken of bedrijven niet. De informatie op de website van IJzerwaren Midden Nederland is dan ook onjuist en misleidend, aldus [koper] . Naar de mening van [koper] bestaat bij hem een ernstig vermoeden dat door IJzerwaren Midden Nederland onjuiste informatie is verstrekt dan wel verzwegen over de herkomst en productie van de geleverde producten en dat IJzerwaren Midden Nederland onterecht de geleverde producten te koop heeft aangeboden als A-merken terwijl het feitelijk geen A-merken zijn.
4.8.
IJzerwaren Midden Nederland heeft gemotiveerd betwist dat er sprake is van het doen van opzettelijk onjuiste mededelingen of dat essentiële feiten zijn verzwegen. IJzerwaren Midden Nederland heeft nooit gezegd of beweerd dat zij dealer is van Makita dan wel van SG of MWK. Zij verkoopt enkel deze producten die zij zelf inkoopt bij een importeur. Meer expliciet stelt IJzerwaren Midden Nederland dat zij nooit tegen [koper] gezegd heeft dat SG en MWK A-merken betreffen. Een A-merkgarantie blijkt ook niet uit de koopovereenkomst. Zij heeft slechts garantie gegeven op de functionaliteit van de verkochte producten, welke garantie zij ook daadwerkelijk wilde nakomen bij een defect aan een van de verkochte producten. [koper] had immers de mogelijkheid het defecte product zonder problemen te ruilen, aldus IJzerwaren Midden Nederland. Zij merkt tevens op dat uit de door [koper] overgelegde correspondentie met Makita Nederland blijkt dat de verkochte modellen origineel zijn. IJzerwaren Midden Nederland is dan ook van mening dat er geen sprake kan zijn van bedrog ter zake de verkoop van de Makita producten.
4.9.
De kantonrechter is van oordeel dat het beroep op bedrog niet kan slagen.
De kantonrechter is van oordeel dat [koper] , tegenover de gemotiveerde betwisting van IJzerwaren Midden Nederland, onvoldoende heeft onderbouwd dat IJzerwaren Midden Nederland zich heeft voorgedaan als officiële dealer van Makita-gereedschappen.
4.10.
Wat betreft het verwijt dat IJzerwaren Midden Nederland de door haar verkochte gereedschappen als A-merken heeft aangeprezen, geldt in de eerste plaats ook dat IJzerwaren Midden Nederland dit heeft betwist, zodat dit niet als vaststaand kan worden aangenomen. Daar komt bij dat de term “A-merk” niet juridisch is beschermd. Het is een benaming voor merken met een hoge naamsbekendheid en een goede reputatie. [koper] wist wat hij kocht: de merknamen stonden op de artikelen. Hij had dus zelf meteen kunnen zien (of opzoeken) of dit A-merken betrof. Als IJzerwaren Midden Nederland deze term al heeft gebruikt, dan valt dat onder “aanprijzingen in algemene bewoordingen, die, ook al zijn ze onwaar”, die geen bedrog opleveren. Aan [koper] zal daarom geen bewijs van deze stelling worden opgedragen.
4.11.
Ook het enkele feit dat [koper] achteraf online veel informatie over de praktijken van IJzerwaren Midden Nederland heeft gevonden en dat er veel gedupeerden zouden zijn maakt niet dat er sprake is van bedrog. En hoewel IJzerwaren Midden Nederland een opmerkelijke – en wellicht opdringerige - wijze van verkopen hanteert, namelijk het telefonisch benaderen, het verkopen van producten vanuit een bedrijfsbusje aan de openbare weg in de jachthaven, waarbij zij een dwingende verkoopmethode toepast door hoge kortingen en (schijnbaar) gratis producten aan te bieden en haar producten nadrukkelijk te promoten, leidt dit niet tot het oordeel dat er sprake is van bedrog als bedoeld in artikel 3:44 lid 1 BW Pro.
4.12.
De kantonrechter komt hiermee tot de conclusie dat het beroep op bedrog niet slaagt. Dit betekent dat de gevorderde verklaring voor recht dat de overeenkomst onder invloed van bedrog tot stand is gekomen zal worden afgewezen.
Dwaling?
4.13.
Ingevolge artikel 6:228 lid 1 sub a en Pro b BW is een overeenkomst die tot stand is gekomen onder invloed van dwaling en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten vernietigbaar, indien de dwaling te wijten is aan een inlichting van de wederpartij, tenzij deze mocht aannemen dat de overeenkomst ook zonder deze inlichting zou worden gesloten of indien de wederpartij in verband met hetgeen zij omtrent de dwaling wist of behoorde te weten, de dwalende had behoren in te lichten.
4.14.
Subsidiair roept [koper] de vernietiging van de overeenkomst in wegens dwaling. Hij legt ter onderbouwing daarover de onder r.o. 4.5 tot en met 4.7. omschreven feiten voor dat hij ten grondslag heeft gelegd aan bedrog. Als [koper] wel juist was geïnformeerd over de kwaliteit en herkomst van de geleverde producten, dan had hij de overeenkomst niet gesloten met IJzerwaren Midden Nederland, aldus [koper] .
4.15.
Volgens IJzerwaren Midden Nederland is er geen sprake van dwaling. IJzerwaren Midden Nederland stelt dat nergens uit blijkt dat het voor [koper] van belang was dat zij fungeerde als officiële A-merkdealer of dat er specifiek A-merken werden verkocht. IJzerwaren Midden Nederland heeft [koper] nimmer onjuist geïnformeerd over de kwaliteit of herkomst van de geleverde producten. IJzerwaren Midden Nederland merkt tevens op dat [koper] pas na aankoop onderzoeken heeft uitgevoerd, terwijl hij hiervoor voldoende gelegenheid had voor de aankoop. Ook op locatie is aan [koper] alle gelegenheid geboden om voor aankoop de producten rustig te bekijken. Volgens IJzerwaren Midden Nederland was van enige dwang geen sprake. Immers [koper] benoemde de “
vriendelijkheid” van de verkoper, dat hij “
alles mooi” vond en dat “[…]
de deal en service in Wessem te gek was […]”. Dat [koper] de koop ongedaan wilde maken omdat hij het niet kon betalen en dit als “net excuus” wilde verkopen, komt volgens IJzerwaren Midden Nederland ongeloofwaardig over. Het strookt volgens IJzerwaren Midden Nederland niet met het feit dat meteen na de aankoop [koper] haar heeft verzocht om een defect product te kunnen ruilen. Zij merkt daarbij op dat [koper] er wellicht spijt van heeft dat hij de gekochte producten voor een lagere prijs heeft kunnen kopen. Dat komt naar de mening van IJzerwaren Midden Nederland echter voor rekening en risico van [koper] , nu sprake is van een markt van vraag en aanbod. De prijzen van producten kunnen immers dagelijks fluctueren, aldus IJzerwaren Midden Nederland.
4.16.
Bovendien stelt IJzerwaren Midden Nederland dat zij uiteraard haar best deed om met “mooie verkooppraatjes” haar producten te verkopen en dat zij haar producten slechts in meer algemene bewoordingen heeft aangeprezen. Zij is van mening dat het haar goed recht is om te proberen een goede deal te sluiten.
4.17.
IJzerwaren Midden Nederland benadrukt dat zij kwalitatief hoogwaardig producten verkoopt en geen rommel. Immers IJzerwaren Midden Nederland heeft aan [koper] garantie op de functionaliteit van de verkochte producten aangeboden en heeft dit ook expliciet op de verkoopovereenkomst aangegeven. [koper] heeft precies gekregen wat partijen zijn overeengekomen.
4.18.
De kantonrechter is van oordeel dat geen sprake is van dwaling en verwijst daarbij naar haar oordeel onder r.o. 4.9. en verder. Zij vult dit nog als volgt aan. De kantonrechter is het met IJzerwaren Midden Nederland eens dat [koper] voorafgaand aan de aankoop nader onderzoek had kunnen verrichten en had kunnen afzien van de koop of die uit te stellen tot een later moment, zodat [koper] in alle rust onderzoek had kunnen doen naar de kwaliteit, herkomst en prijzen van de aangeboden producten.
4.19.
Gelet op het voorgaande is van een geslaagd beroep op dwaling ook geen sprake zodat de gevorderde verklaring voor recht dat de overeenkomst van 26 augustus 2025 tot stand is gekomen onder invloed van dwaling voor afwijzing gereed staat.
Oneerlijke handelspraktijken?
4.20.
Ter zitting heeft [koper] eveneens beroep gedaan op vernietiging van de overeenkomst op grond van oneerlijke handelspraktijken ex artikel 6:193b juncto 6:193j BW. Dit beroep kan eveneens niet slagen omdat [koper] geen consument is.
Hoofdsom, buitengerechtelijke incassokosten en rente in conventie
4.21.
Al het voorgaande leidt ertoe dat de vordering in conventie tot betaling van de hoofdsom van € 9.075,00 zal worden toegewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten van
€ 828,75, vervallen rente van € 110,89 en de rente vanaf 13 november 2025 tot aan volledige betaling zijn niet betwist en zullen eveneens worden toegewezen.
Proceskosten
in conventie
4.22.
[koper] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van IJzerwaren Midden Nederland worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
123,73
- griffierecht
543,00
- salaris gemachtigde
864,00
(2 punten × € 432,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.674,73
in reconventie
4.23.
[koper] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van IJzerwaren Midden Nederland worden begroot op:
- salaris gemachtigde
216,00
(1 punt × factor 0,5 × € 432,00)
Totaal
216,00

5.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
5.1.
veroordeelt [koper] om aan IJzerwaren Midden Nederland te betalen een bedrag van € 10.014,64, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 november 2025 tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [koper] in de proceskosten van € 1.674,73, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [koper] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.4.
wijst – voor zover nodig - het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
5.5.
wijst de vorderingen van [koper] af,
5.6.
veroordeelt [koper] in de proceskosten van € 216,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
5.7.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026.