ECLI:NL:RBMAA:2000:AA5402
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Huinen
- Rechtspraak.nl
Vordering tot vergoeding voor onrechtmatige mergelwinning onder eigendomspercelen
Eisers, eigenaren van percelen grond, vorderen vergoeding van gedaagden wegens onrechtmatige winning van 949 m3 mergel onder hun percelen zonder toestemming. Gedaagden betwisten onder meer de eigendom van de mergel en voeren verjaring aan.
De rechtbank stelt vast dat op grond van de Mijnwet 1810 en het Burgerlijk Wetboek de eigendom van de grond ook de daarin aanwezige mergel omvat, tenzij anders bepaald. Er is geen concessie verleend die eigendom van de mergel aan derden toekent. Gedaagden zijn derhalve onrechtmatig jegens eisers gehandeld door zonder toestemming mergel te winnen.
Gedaagden voerden aan dat eisers al vóór 29 maart 1991 op de hoogte waren van de winning, waardoor de vordering verjaard zou zijn. Dit bewijs is niet geleverd; getuigenverklaringen en andere stukken tonen aan dat eisers pas later kennis hadden. De rechtbank gaat uit van een vergoeding van fl. 10 per bruikbare m3, waarbij slechts 65% van de mergel bruikbaar is, wat leidt tot een vergoeding van fl. 6.168,50 plus wettelijke rente vanaf 30 januari 1997. Buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De rechtbank veroordeelt gedaagden tot betaling van dit bedrag en de proceskosten, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van fl. 6.168,50 plus wettelijke rente en proceskosten wegens onrechtmatige mergelwinning.