ECLI:NL:RBMAA:2000:AA7188
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor ouderbijdrage semi-residentiële opvang onterecht
Eiseres vroeg bijzondere bijstand aan voor de ouderbijdrage en taxikosten voor haar zoon die na schooltijd verbleef in een semi-residentiële inrichting. De gemeente wees dit af op basis van een besparingsprincipe en het feit dat eiseres kinderbijslag ontving. De rechtbank oordeelde dat de Wet op de Jeugdhulpverlening als voorliggende voorziening geldt, maar dat de ouderbijdrage toch als noodzakelijke kosten van het bestaan moet worden gezien.
De rechtbank stelde vast dat de gemeente onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er daadwerkelijk sprake was van kostenbesparing, mede omdat de zoon slechts na schooltijd in het P-centrum verbleef en de maaltijden thuis gebruikte. Ook ontbrak een individuele draagkrachtberekening toegespitst op de ouderbijdrage. De gemeente had de individuele toets die artikel 39 van Pro de Abw voorschrijft miskend.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de gemeente opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd de gemeente veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten voor rechtsbijstand.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege het ontbreken van een juiste individuele toets bij de afwijzing van bijzondere bijstand.