ECLI:NL:RBMAA:2000:AF2562
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- De Kort
- Rechtspraak.nl
Nietigheid dagvaarding wegens onjuiste betekening en ontheffing verstekvonnis
De zaak betreft een oppositieprocedure waarin [J.C.] B.V. verzet aantekent tegen een verstekvonnis van 4 november 1999. [J.C.] stelt dat de dagvaarding nietig is omdat deze niet aan haar woonplaats is betekend, maar aan het kantoor van haar advocaat, waar geen domicilie is gekozen. Tevens betwist zij de bevoegdheid van de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat de dagvaarding inderdaad niet rechtsgeldig is betekend, omdat niet is voldaan aan het vereiste van betekening aan de persoon of woonplaats van de gedaagde. De omstandigheid dat in een andere zaak domicilie bij dezelfde advocaat is gekozen, doet hier niet aan af. Door deze onjuiste betekening mocht [J.C.] ervan uitgaan dat zij niet hoefde te verschijnen, waardoor zij niet in haar verdediging is benadeeld.
De rechtbank verklaart daarom de dagvaarding nietig en heft het verstekvonnis op. Mega, de eiseres, wordt veroordeeld in de proceskosten van de oppositieprocedure. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de dagvaarding nietig en heft het verstekvonnis op, met veroordeling van Mega in de proceskosten.