ECLI:NL:RBMAA:2001:AD8201
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.H.M.J. baron van Hövell tot Westerflier
- Rechtspraak.nl
Recht op volledige VUT-uitkering zonder korting door wethouderschap binnen inkomensgrens
Eiser vordert dat zijn volledige VUT-uitkering wordt toegekend over de periode 14 april 1998 tot 1 oktober 1999, zonder korting van zijn inkomsten als wethouder, voor zover deze samen met de VUT-uitkering niet meer bedragen dan 100% van zijn vroegere bezoldiging. De vordering is gebaseerd op de beleidsmatige uitzondering voor bestuursfuncties zonder arbeidsverhouding, waaronder het wethouderschap volgens eiser valt.
Gedaagde verzet zich tegen deze uitleg en verwijst naar eerdere uitspraken van de Centrale Raad van Beroep waarin het wethouderschap niet als uitzondering werd gezien. De kantonrechter overweegt echter dat deze uitspraken dateren van vóór de huidige beleidscriteria en dat het wethouderschap geen reguliere arbeidsverhouding inhoudt, geen directe relatie tussen beloning en arbeidsprestatie heeft en geen reëel effect op de arbeidsmarkt veroorzaakt.
De kantonrechter concludeert dat eiser recht heeft op de volledige VUT-uitkering zonder korting van zijn wethoudersinkomsten binnen de inkomensgrens van 100%. Gedaagde wordt veroordeeld tot terugbetaling van de onterecht ingehouden bedragen, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten, en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Eiser krijgt volledige VUT-uitkering zonder korting van wethoudersinkomsten binnen inkomensgrens; gedaagde moet onterecht ingehouden bedragen terugbetalen.