ECLI:NL:RBMAA:2002:AD9796
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- J.N.F. Sleddens
- Rechtspraak.nl
Geen besluit in zin van Awb bij aanwijzing pand als bemoeizorgpand
De rechtbank Maastricht behandelde het geschil over de aanwijzing van een pand te Landgraaf als bemoeizorgpand, waarbij verslaafden intensief begeleid zouden worden gehuisvest. Verzoekers hadden bezwaar gemaakt en vroegen om een voorlopige voorziening tegen dit besluit van 28 november 2001.
De voorzieningenrechter overwoog dat het besluit geen publiekrechtelijke rechtshandeling vormt zoals bedoeld in artikel 1:3 Awb Pro, omdat het niet gericht is op een extern rechtsgevolg en de rechtspositie van verzoekers niet bindend vaststelt. Het staat de eigenaar vrij het pand beschikbaar te stellen, ongeacht het besluit.
Verder werd vastgesteld dat geen wettelijk voorschrift bestaat op grond waarvan het besluit genomen zou kunnen zijn en dat verzoekers geen bestuurlijk rechtsoordeel hadden gevraagd over de bestemmingsplanvereisten. Daarom kon verweerder bij de beslissing op bezwaar verzoekers niet-ontvankelijk verklaren.
Gezien het voorlopige karakter van de voorziening en de belangenafweging achtte de voorzieningenrechter het niet noodzakelijk een voorlopige voorziening te treffen. De verzoeken werden afgewezen en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening tegen aanwijzing bemoeizorgpand worden afgewezen omdat het geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb betreft.