ECLI:NL:RBMAA:2002:AE0628
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- J.N.F. Sleddens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluitingsbesluit woning Heerlen
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 17 mei 2001 waarbij de burgemeester van Heerlen het pand voor zes maanden heeft gesloten. Het bezwaar werd echter pas op 2 juli 2001 ingediend, na afloop van de wettelijke termijn van zes weken die liep tot 28 juni 2001.
De rechtbank overweegt dat het besluit een voor beroep vatbare beschikking is, omdat het rechtsgevolg ervan door de gemeenteraad is geregeld in een plaatselijke verordening. De rechtbank stelt vast dat verzoeker tijdig een bezwaarschrift had kunnen indienen, ook al ontbrak een rechtsmiddelenclausule onder het besluit.
De president van de rechtbank acht de overschrijding van de bezwaartermijn niet verschoonbaar, mede gelet op jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Omdat het bezwaar naar verwachting niet-ontvankelijk zal worden verklaard, bestaat geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.
Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het sluitingsbesluit wordt afgewezen wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.