ECLI:NL:RBMAA:2003:AF7742
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Sijmonsma
- Rechtspraak.nl
Geschil over waarnemingsovereenkomst en vergoeding chirurg in maatschap
In deze zaak staat centraal of tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen waarin de vergoeding voor waarneming door een chirurg werd vastgesteld op fl. 22.000 per maand vanaf 1 januari 1999. Eiser, een chirurg die als zelfstandig waarnemer werkte in een maatschap, vordert betaling van een winstaandeel gelijk aan dat van de andere maatschapsleden over de jaren 1999 tot en met september 2001, vermeerderd met wettelijke rente.
Gedaagde betwist het bestaan van een onvoorwaardelijke overeenkomst en stelt dat zijn ondertekening van de overeenkomst onder de voorwaarde was dat ook de andere maat akkoord zou gaan, wat niet is gebeurd. De rechtbank oordeelt dat gedaagde dit moet bewijzen en staat toe dat hij door alle middelen rechtens bewijs levert, waaronder getuigenverhoren.
Daarnaast vordert gedaagde in reconventie terugbetaling van een bedrag wegens vermeende te hoge vergoeding aan eiser, gebaseerd op het ontbreken van een zelfstandigheidsverklaring en toepassing van een CAO-loonschaal. De rechtbank wijst deze vordering af, mede omdat vaststaat dat eiser geen verwijt kan worden gemaakt omtrent de zelfstandigheidsverklaring en het beroep op verrekening niet eenvoudig vast te stellen is. De rechtbank wijst de vorderingen in conventie niet toe en veroordeelt gedaagde in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en staat bewijslevering toe over de voorwaardelijkheid van de overeenkomst; de vorderingen van gedaagde worden eveneens afgewezen.