ECLI:NL:RBMAA:2003:AF8520
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C.A.E. van Binnebeke
- P.M. van den Brekel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking horeca-exploitatievergunning na verzoek vergunninghouder
Eiser had een horeca-exploitatievergunning voor een coffeeshop aan een adres in Heerlen. Hij verzocht de vergunning in te trekken omdat hij de exploitatie op dat adres niet zou voortzetten. Verweerder trok de vergunning in en verklaarde het bezwaar van eiser ongegrond.
Eiser stelde dat hij onder bepaalde omstandigheden de vergunning wilde behouden en dat de bezwaartermijn een bedenktermijn was om terug te komen op zijn afstandsverklaring. De rechtbank oordeelde dat het verzoek tot intrekking ondubbelzinnig was en dat de bezwaartermijn niet bedoeld is om eerder ingenomen standpunten te herroepen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder het besluit tot intrekking terecht en op goede gronden had genomen, mede gelet op de belangen van derden en het wettelijke kader van de Algemene Plaatselijke Verordening en de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van de horeca-exploitatievergunning.