ECLI:NL:RBMAA:2003:AI1413
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- A.M. Adelmeijer
- Rechtspraak.nl
Ontruimingsvordering COA tegen asielzoekers na afloop opvangtermijn AZC Sweikhuizen
Het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) heeft een kort geding aangespannen tegen vier asielzoekers die verblijven in het AZC Sweikhuizen. Deze asielzoekers hebben hun asielaanvragen ingediend in 1999, maar deze zijn afgewezen en de bezwaar- en beroepsprocedures zijn ongegrond verklaard. De finale vertrektermijn van 28 dagen is op 13 november 2002 verstreken, waarna de opvangvoorzieningen volgens de Regeling verstrekkingen asielzoekers (Rva) van rechtswege eindigen.
Het COA stelt dat de asielzoekers zonder recht of titel in het AZC verblijven en vordert ontruiming binnen drie dagen na betekening van het vonnis, met machtiging tot uitvoering met de sterke arm. De asielzoekers voeren verweer op basis van schrijnende humanitaire omstandigheden, waaronder medische klachten en een lopende aanvraag voor een verblijfsvergunning op medische gronden. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat deze aanvraag geen recht op voortzetting van opvang geeft en dat het verzoek tot uitstel van vertrek nog niet is beslist.
De voorzieningenrechter overweegt dat voortzetting van opvang alleen bij zeer schrijnende humanitaire omstandigheden mogelijk is, en dat dit in dit geval niet aannemelijk is gemaakt. Gezien de zorg voor minderjarige kinderen wordt de termijn voor ontruiming gesteld op zeven dagen na betekening. De vordering van het COA wordt toegewezen, met veroordeling van de asielzoekers in de proceskosten en machtiging tot uitvoering met de sterke arm.
Uitkomst: De asielzoekers worden veroordeeld het AZC Sweikhuizen binnen zeven dagen te ontruimen met machtiging tot uitvoering met de sterke arm.