ECLI:NL:RBMAA:2003:AL7022
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding voor onherstelbaar beschadigd kunstwerk na deskundigenonderzoek
In deze civiele procedure vordert eiser vergoeding van schade aan een kunstwerk dat onherstelbaar beschadigd is geraakt. Deskundigen hebben vastgesteld dat het beeld niet gerepareerd kan worden vanwege de dunwandigheid, en dat het opnieuw gegoten moet worden met een nieuwe mal. De kosten daarvan zijn begroot op €18.700 exclusief BTW en exclusief plaatsingskosten.
De rechtbank overweegt dat de schade moet worden bepaald op basis van de kosten van het opnieuw gieten, inclusief noodzakelijke transportkosten. De waarde van het beschadigde beeld in huidige staat wordt niet in mindering gebracht, omdat het smelten van het beeld leidt tot verlies van het huidige exemplaar. De schadebeperkingsplicht van eiser wordt in acht genomen door vergoeding van de goedkoopste herstelwijze.
Hoewel de begrote herstelkosten hoger zijn dan de oorspronkelijke vordering, wordt slechts het gevorderde bedrag toegewezen. Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €18.420,53 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 15 maart 1998. Tevens worden de proceskosten aan de zijde van eiser toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van €18.420,53 schadevergoeding plus wettelijke rente vanaf 15 maart 1998.