ECLI:NL:RBMAA:2003:AM8554
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- A.M. Adelmeijer
- Rechtspraak.nl
Geen koopovereenkomst via e-mail bij geschil over appartementsrecht en conservatoir beslag
In deze zaak stond centraal of tussen partijen een koopovereenkomst tot stand was gekomen via e-mail over de verkoop van een appartementsrecht gelegen aan een adres. De eiser had het appartementsrecht te koop aangeboden en de gedaagde had een bod gedaan via e-mail. De discussie spitste zich toe op de vraag of een e-mail van 19 juni 2003 waarin de gedaagde de aanvaarding van het aanbod zou bevestigen, de eiser had bereikt.
De rechtbank overwoog dat volgens de Nederlandse ontvangsttheorie een verklaring pas werkt als deze de geadresseerde daadwerkelijk bereikt, in dit geval de inbox van de eiser. De gedaagde kon niet aannemelijk maken dat de e-mail de eiser had bereikt. Hierdoor was voorshands niet aannemelijk dat er een koopovereenkomst tot stand was gekomen.
De eiser had het appartementsrecht in de tussentijd aan een derde verkocht en had conservatoir beslag laten leggen. De rechtbank oordeelde dat het beslag ten onrechte was gelegd en heeft dit opgeheven. De vorderingen van de gedaagde in reconventie werden afgewezen omdat er geen overeenstemming was over de voorwaarden.
De gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir beslag wordt opgeheven omdat geen koopovereenkomst via e-mail tot stand is gekomen.