ECLI:NL:RBMAA:2003:AN9048
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- A.M. Adelmeijer
- Rechtspraak.nl
Weigering van erfdienstbaarheid van overpad door verjaring in kort geding
Eisers vorderden in kort geding dat gedaagde wordt verboden de inrit tussen de percelen te blokkeren, omdat zij stellen dat door verkrijgende en bevrijdende verjaring een erfdienstbaarheid van overpad is ontstaan. Het pad loopt deels over het eigendom van gedaagde en deels over gemeentegrond en wordt sinds 1967 gebruikt door eisers om met auto's bij garages te komen.
De rechtbank beoordeelt de vraag of een erfdienstbaarheid door verjaring is ontstaan aan de hand van het oude recht, dat vóór 1 januari 1992 gold. Volgens dit recht is bevrijdende verjaring niet mogelijk en kan verkrijgende verjaring alleen plaatsvinden bij voortdurende en zichtbare erfdienstbaarheden. Een erfdienstbaarheid van pad vereist menselijk handelen en kan daarom in beginsel niet door verjaring ontstaan.
Eisers betogen dat er een uitzondering geldt, verwijzend naar arresten van de Hoge Raad uit 1996 en 1999 over bijzondere situaties met deuren die op het lijdend erf uitkomen. De rechtbank oordeelt echter dat deze bijzondere situatie hier niet aan de orde is en dat het asfalteren van het pad in 1967 dit niet verandert. Daarom wijst de rechtbank de vordering af en veroordeelt eisers in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en oordeelt dat geen erfdienstbaarheid van overpad door verjaring is ontstaan.