ECLI:NL:RBMAA:2003:AN9160
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van inhouding bezoldiging wegens nevenwerkzaamheden ambtenaar
Eiser, een ambtenaar die op grond van een minnelijke regeling werkzaamheden verrichtte voor verweerder, ontving een volledige bezoldiging terwijl hij tevens elders voltijds werkzaam was. Verweerder besloot de bezoldiging met 50% te verminderen wegens het voortzetten van nevenwerkzaamheden zonder berichtgeving.
De rechtbank overwoog dat de minnelijke regeling geen anticumulatiebeding bevatte, maar dat eiser niet onverkort aan de afspraken kon voldoen gezien de voltijdse aard van zijn nevenfunctie. De bedoeling van de regeling was dat bezoldiging werd ontvangen voor daadwerkelijk verrichte werkzaamheden, wat feitelijk niet het geval was.
Hoewel verweerder niet eerder maatregelen had genomen en er geen expliciete rechtsgrond voor de inhouding was, oordeelde de rechtbank dat verweerder bevoegd was tot inhouding. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard omdat het besluit niet in strijd was met geschreven of ongeschreven rechtsregels of algemene rechtsbeginselen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de vermindering van zijn bezoldiging met 50% bevestigd.