ECLI:NL:RBMAA:2003:AN9615
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- J.C. Casparie
- Rechtspraak.nl
Voorlopige toewijzing hoofdverblijfplaats kind aan vader na mishandeling door moeder
Partijen zijn gescheiden en hebben een kind, waarvan het hoofdverblijf bij de moeder is toegewezen. Na een omgangsbezoek bracht de vader het kind niet terug vanwege een incident waarbij de moeder het kind met een pollepel had geslagen. De moeder erkende het incident en bood haar excuses aan, stellende dat het een eenmalige uitbarsting was.
De vader stelde dat het kind mishandeld was en overhandigde bewijs van een forensisch onderzoek dat dit bevestigde. Hij vorderde in reconventie de voorlopige toewijzing van het hoofdverblijf aan hem totdat een definitieve beslissing over het gezag is genomen. De moeder betwistte de ernst van het incident en benadrukte het belang van omgang met de vader.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het letsel het karakter van mishandeling had en dat het in het belang van het kind was dat het voorlopig bij de vader verbleef. De vordering van de moeder werd afgewezen, de vordering van de vader toegewezen en partijen werden geadviseerd om via de Raad voor de Kinderbescherming tot bemiddeling te komen. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vordering van de moeder af en wijst de voorlopige toewijzing van het kind toe aan de vader wegens mishandeling door de moeder.