ECLI:NL:RBMAA:2004:AO2902
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.H.T. Peters
- R.H.J. Otto
- M.A.M. van Uum
- Rechtspraak.nl
Veroordeling turnleraar voor ontuchtige handelingen met minderjarige meisjes
De rechtbank Maastricht heeft verdachte, een turnleraar, veroordeeld wegens het plegen van ontuchtige handelingen met meerdere minderjarige meisjes die aan zijn zorg waren toevertrouwd. De feiten vonden plaats tussen 1988 en 1999 bij verschillende turnverenigingen in Nederland. Verdachte maakte misbruik van zijn positie en pleegde herhaaldelijk seksuele handelingen, waaronder penetratie en aanrakingen van intieme lichaamsdelen.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig maakte aan seksueel binnendringen van minderjarigen onder de twaalf jaar en ontuchtige handelingen met minderjarigen onder zijn zorg. Niet bewezen werd dat verdachte geweld gebruikte bij een aantal ten laste gelegde feiten, waarvoor hij werd vrijgesproken. De rechtbank verwierp het verweer dat de handelingen binnen de context van turntraining vielen en oordeelde dat deze handelingen een duidelijke seksuele lading hadden.
De strafmaat werd bepaald op drie jaar gevangenisstraf, waarbij rekening werd gehouden met de ernst van de feiten, de duur en herhaling, en het misbruik van een vertrouwenspositie. Daarnaast werd verdachte voor vijf jaar het recht ontzegd het beroep van turnleraar uit te oefenen. Verdachte werd tevens veroordeeld tot het betalen van schadevergoedingen aan meerdere slachtoffers, variërend van €680 tot €1750 per slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf en ontzegging van het beroep turnleraar voor vijf jaar wegens ontuchtige handelingen met minderjarige meisjes.