ECLI:NL:RBMAA:2004:AO4498
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- Lampe
- Rechtspraak.nl
Verbreking samenwerking en afwikkeling onroerend goedprojecten Voerendaal en Maastricht
BLB Vastgoed B.V. en [L. Groep] B.V., beide projectontwikkelaars, zijn via een houdstermaatschappij in handen van de heer [L.]. Zij werkten samen met Rabo Vastgoed B.V. aan de ontwikkeling van onroerend goedprojecten in Voerendaal en Maastricht. De samenwerking werd begin november 2003 door Rabo beëindigd, waarna [L.] de projecten voortzette. Rabo stelde haar leveringsplicht van de onroerende zaken in Voerendaal op, omdat [L.] niet tot volledige betaling wenste over te gaan.
De rechtbank oordeelt dat Rabo haar leveringsplicht onterecht opschortte, omdat [L.] zich bereid had verklaard de vordering van Rabo voor het project Voerendaal te voldoen, ook al was er onenigheid over de hoogte van de bedragen. De koppeling van de projecten Voerendaal en Maastricht door Rabo werd verworpen. De ontbinding van de beëindigingsovereenkomst door Rabo was daarom niet rechtsgeldig en de overeenkomst bestaat nog.
In reconventie vordert Rabo betaling van € 2.627.698,88 en zekerheidstelling door [L. Groep]. De rechtbank kent een bedrag van € 1.750.000 toe en een depot van € 750.000, met aanvullende verplichtingen tot het stellen van een bankgarantie en het overnemen van lopende contracten. De vorderingen worden deels toegewezen en deels afgewezen, met dwangsommen gemaximeerd op € 150.000. Beide partijen worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Rabo moet levering van onroerende zaken voortzetten en [L. Groep] wordt veroordeeld tot betaling en zekerheidstelling van een deel van de vordering.