ECLI:NL:RBMAA:2004:AO7874
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.C. Oosterman-Meulenbeld
- Rechtspraak.nl
Nietigheid pensioenreglementkorting wegens indirect onderscheid op grond van geslacht
Eiseres, weduwe van een deelnemer aan het ABP-pensioenfonds, kreeg een korting van 60% op haar partnerpensioen vanwege een leeftijdsverschil van meer dan tien jaar en een huwelijk korter dan vijf jaar, zoals bepaald in artikel 7.2 lid 5 van het Pensioenreglement. Zij stelde dat deze korting in strijd was met het wettelijk verbod op indirect onderscheid op grond van geslacht, neergelegd in artikel 7:646 BW Pro en de Wet Gelijke Behandeling van mannen en vrouwen (WGB).
Het ABP verdedigde de korting met het oog op het voorkomen van misbruik (zoals sterfbedhuwelijken) en het beperken van solidariteit binnen de pensioenregeling. De rechtbank oordeelde dat de korting inderdaad indirect onderscheid maakt, omdat het vooral vrouwelijke partners treft, en dat het ABP niet aannemelijk had gemaakt dat de korting passend en noodzakelijk is om de legitieme doelen te bereiken.
De rechtbank verklaarde artikel 7.2 lid 5 van het Pensioenreglement nietig en veroordeelde het ABP om de korting ongedaan te maken met terugwerkende kracht vanaf 6 augustus 2001, voor zover het pensioenrechten betreft opgebouwd vanaf 17 mei 1990, vermeerderd met wettelijke rente. Daarnaast werd het ABP veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Artikel 7.2 lid 5 van het Pensioenreglement is nietig wegens indirect onderscheid op grond van geslacht en het ABP is veroordeeld tot betaling van het volledige partnerpensioen met wettelijke rente.