ECLI:NL:RBMAA:2004:AR7015
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Invaliditeitspensioen valt vanaf 65 jaar onder Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding
Partijen zijn gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en gescheiden in 2001. De man ontvangt sinds januari 2000 een invaliditeitspensioen van Eurocontrol vanwege arbeidsongeschiktheid. De vrouw vordert dat dit pensioen vanaf de pensioengerechtigde leeftijd van de man (65 jaar) onder de Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding (WVP) valt, zodat zij aanspraak maakt op verevening.
De man betwist dit en voert aan dat zijn invaliditeitspensioen niet kan worden herberekend of omgezet in een ouderdomspensioen, zoals vereist voor toepassing van de WVP. De rechtbank oordeelt echter dat het invaliditeitspensioen van de man vanaf zijn 65e levensjaar materieel gelijk is aan een ouderdomspensioen, conform jurisprudentie van de Hoge Raad en het pensioenreglement van Eurocontrol.
De rechtbank stelt vast dat het pensioenreglement bepaalt dat het invaliditeitspensioen gelijk is aan het ouderdomspensioen dat de man zou ontvangen indien hij tot 65 jaar had gewerkt. Hierdoor verandert het pensioenkarakter niet bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, en is het derhalve een herberekend pensioen in de zin van de WVP.
De vordering van de vrouw wordt daarom toegewezen. De man kan de alimentatieplicht voortzetten, maar dit doet niet af aan het recht van de vrouw op verevening. Ook het tijdens het huwelijk door de vrouw opgebouwde pensioen moet worden verevend volgens de WVP. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het invaliditeitspensioen van de man valt vanaf zijn 65e levensjaar onder de WVP en de vrouw heeft recht op verevening daarvan.