ECLI:NL:RBMAA:2005:AT6814

Rechtbank Maastricht

Datum uitspraak
1 juni 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
188084
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • B.A.J. Broekman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 111 RvArt. 120 RvArt. 122 Rv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietige dagvaarding wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing van vordering mobiele telecommunicatiediensten

De zaak betreft een vordering van Orange Nederland NV tegen een gedaagde voor betaling van een bedrag gerelateerd aan mobiele telecommunicatiediensten. Orange stelt dat er een overeenkomst bestaat waarbij de gedaagde maandelijks een vast bedrag en kosten van telefoongesprekken verschuldigd is, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten.

De gedaagde betwist de dagvaarding en stelt dat deze nietig is vanwege het ontbreken van concrete informatie over de overeenkomst, de toepasselijke voorwaarden, de incassomaatregelen en de specificatie van de gevorderde bedragen. Tevens is geen bewijsstuk bijgevoegd ter onderbouwing.

De rechtbank oordeelt dat de dagvaarding niet voldoet aan de eisen van artikel 111 lid 2 sub d Rv Pro, omdat de feitelijke onderbouwing ontbreekt. Dit leidt tot nietigheid van de dagvaarding op grond van artikel 120 lid 1 Rv Pro. De gedaagde is hierdoor onredelijk in zijn belangen geschaad omdat hij niet weet waartegen hij zich moet verweren.

Herstel van de dagvaarding wordt niet bevolen en Orange wordt als in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld, welke nihil worden begroot. De dagvaarding wordt derhalve nietig verklaard.

Uitkomst: De dagvaarding wordt nietig verklaard wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing, en Orange wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT
Sector Kanton
Locatie Heerlen
rolno: 05-1843
zaakno: 188084
typ: M.L.
coll:
vonnis van de kantonrechter d.d. 1 juni 2005
inzake
DE NAAMLOZE VENNOOTSCHAP ORANGE NEDERLAND NV, gevestigd en kantoorhoudende te ’s-Gravenhage,
eiseres
gemachtigde: J.H.L. Sinkiewicz, gerechtsdeurwaarder,
tegen
[naam gedaagde], woonplaats hebbende te [postcode] [woonplaats] aan de [adres],
gedaagde,
verschijnende in persoon.
PROCESVERLOOP:
Door partijen zijn de volgende processtukken ingediend/proceshandelingen verricht:
- dagvaarding
- mondeling antwoord.
De inhoud hiervan geldt als hier herhaald.
Daarna is vonnis bepaald, waarvan de uitspraak is vastgesteld op heden.
MOTIVERING:
1. Orange vordert veroordeling van [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, tot
betaling van € 2.024,72 hoofdsom , € 81,- vervallen wettelijke rente en € 272,- incasskosten onder aftrek van € 885,75 met de wettelijke rente over het saldo van € 1.491,97 vanaf de dagvaarding.
Daaraan legt Orange zonder nadere omschrijving ten grondslag met [gedaagde] een overeenkomst te hebben gesloten in het kader waarvan aan hem mobiele telecommunicatiediensten worden geleverd, waarvoor hij maandelijks een vast bedrag en de kosten van de gevoerde telefoongesprekken aan haar verschuldigd is krachtens haar toepasselijke voorwaarden te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vervaldag alsmede incassokosten.
2. [gedaagde] beroept zich op de nietigheid van de dagvaarding, omdat hij geen idee heeft welke overeenkomst, welke voorwaarden en welke incassomaatregelen Orange op het oog heeft, om welke vaste en variabele bedragen het gaat en hoe zij aldus aan het gevorderde saldo komt, zodat hij zich niet kan verweren.
Hij wijst erop dat bij de dagvaarding ook geen enkel stuk gevoegd is en hierin evenmin wordt verwezen naar gevoerde verweren of beschikbare bewijsmiddelen.
3. Gezien de onvoldoende precisering hiervan bevat de slechts in algemene bewoor-dingen gestelde dagvaarding niet de feitelijke onderbouwing van de vordering en aldus niet de gronden van de eis als bedoeld in artikel 111 lid 2 aanhef Pro en sub d Rv, hetgeen ingevolge artikel 120 lid 1 Rv Pro in beginsel de nietigheid daarvan met zich meebrengt.
Het beroep van [gedaagde] op deze nietigheid treft doel, omdat dit gebrek hem onredelijk in zijn belangen heeft geschaad nu hij immers behoort te weten waartegen hij zich heeft te verweren en er zijn geen gronden om het herstel hiervan op kosten van Orange te bevelen als aangegeven in artikel 122 lid 1 respectievelijk Pro lid 2 Rv.
Orange dient dan als in het ongelijk gestelde partij te worden aangemerkt en daarom in de proceskosten te worden veroordeeld.
BESLISSING:
Verklaart de dagvaarding nietig;
Veroordeelt Orange in de aan de zijde van [gedaagde] gerezen proceskosten, welke worden begroot op nihil.
Aldus gewezen door mr. B.A.J. Broekman, kantonrechter en uitgesproken ter openbare civiele terechtzitting in tegenwoordigheid van de griffier.