ECLI:NL:RBMAA:2005:AT6814
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.A.J. Broekman
- Rechtspraak.nl
Nietige dagvaarding wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing van vordering mobiele telecommunicatiediensten
De zaak betreft een vordering van Orange Nederland NV tegen een gedaagde voor betaling van een bedrag gerelateerd aan mobiele telecommunicatiediensten. Orange stelt dat er een overeenkomst bestaat waarbij de gedaagde maandelijks een vast bedrag en kosten van telefoongesprekken verschuldigd is, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten.
De gedaagde betwist de dagvaarding en stelt dat deze nietig is vanwege het ontbreken van concrete informatie over de overeenkomst, de toepasselijke voorwaarden, de incassomaatregelen en de specificatie van de gevorderde bedragen. Tevens is geen bewijsstuk bijgevoegd ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelt dat de dagvaarding niet voldoet aan de eisen van artikel 111 lid 2 sub d Rv Pro, omdat de feitelijke onderbouwing ontbreekt. Dit leidt tot nietigheid van de dagvaarding op grond van artikel 120 lid 1 Rv Pro. De gedaagde is hierdoor onredelijk in zijn belangen geschaad omdat hij niet weet waartegen hij zich moet verweren.
Herstel van de dagvaarding wordt niet bevolen en Orange wordt als in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld, welke nihil worden begroot. De dagvaarding wordt derhalve nietig verklaard.
Uitkomst: De dagvaarding wordt nietig verklaard wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing, en Orange wordt veroordeeld in de proceskosten.